Niet dat ik ooit in een spookbos ben geweest, maar het zou er zo maar uit kunnen zien als op deze foto.
Eigenlijk zijn het twee foto’s, die heb ik over elkaar gezet en zo ontstond dit beeld.

Niet dat ik ooit in een spookbos ben geweest, maar het zou er zo maar uit kunnen zien als op deze foto.
Eigenlijk zijn het twee foto’s, die heb ik over elkaar gezet en zo ontstond dit beeld.

Wat is het toch een voorrecht dat wij niet zoals onze moeders vroeger op maandagochtend de was moesten doen, veelal op de hand. We zetten de machine aan als het ons het beste uitkomt. Daarom kon ik vanochtend heerlijk op mijn gemak door de Waterleiding Duinen lopen, samen met mijn fototoestel. Ik kwam af en toe wat mensen tegen maar grotendeels liep ik er alleen en het was zo heerlijk stil en nog een beetje lekker koud. Ik houd van dit weer: zon, beetje vorst, bijna geen wind. Voel me dan heel gezond en moet naar buiten. De agenda is leeg voor vandaag dus geen enkele belemmering. Heb je zelf geen gelegenheid gehad eruit te gaan, geniet dan maar mee van mijn foto’s. Misschien voel je ook de kou en stilte een beetje.






Bij het weer eens opruimen van foto’s in mijn computer kwam ik wat foto’s tegen van een workshop die ik jaren geleden heb gedaan. Thema was het maken van een stilleven met bloemen zoals op oude schilderijen. Nu ben ik niet zo van de oude schilderijen maar om het eens zelf te doen, samen met een vriendin, was wel heel leuk.
Ik word toch meer verrast door moderne kunst zoals van de week in het Stedelijk Museum in Amsterdam. Er is een fototentoonstelling en nichtje F. wilde graag met me mee. We hebben ons laten verrassen door de wijze waarop kunstenaars hun foto’s hadden gebruikt en afgedrukt. Bijna geen ‘gewone’ afdrukken, maar op steen, op doek, vervormd, ingekleurd etc. Ik kreeg gelijk zin om ook met mijn oude foto’s die al jaren in dozen liggen te wachten wat te gaan doen.
Maar ondanks dat ik niet van dit soort stillevens houd bewaar ik deze foto wel. En wat ik met mijn andere oude foto’s uit de doos doe, dat ga je later zien (of niet als het toch niks wordt).

Uit het gedicht’ Februari’ van Paul Gellings dat we voor het labyrintlopen kregen koos ik drie stukjes om bij te schrijven: 1.mijn kalender op een kier gezet; 2.zicht op zilver water; 3.van takken trilt alleen de schaduw.
Mijn kalender op een kier gezet, wat een heerlijk beeld. Laat de nieuwe maand maar binnenkomen, ik sta er klaar voor. Geen verwachtingen maar komen wat komt. Een dag met zon? Dan naar buiten en genieten van de lentebloemen die de grond uitgroeien. Een dag regen? Dan wat in huis rommelen en lezen, veel lezen. Of schrijven over wat er die dag gebeurt of juist niet gebeurt. Of een boekje maken voor de kleindochter van een vriendin.
Zicht op zilver water, dat is poëzie. Dat klinkt zo mooi en ik zie het voor me. Ik zit binnen achter het raam en kijk uit op stilliggend zilver water. Het roept stilte op, vredigheid. Gewoon kijken en genieten, dat doen de meeste mensen te weinig. Altijd moet er iets gebeuren, gedaan worden. Maar juist door stil te zitten kunnen gedachten rondgaan in de ruimte die nu geschapen is.
Van takken trilt alleen de schaduw. Verder is alles in rust. Dat beleef je door weer gewoon te zitten en te kijken. Misschien trilt dan even mijn eigen schaduw door beelden uit het verleden die nu terugkomen omdat ik mijn geest op een kiertje heb gezet en er verder niets beweegt dat me afleidt. Het denken eraan geeft me alleen al rust.
Gisteren was een mooi gevulde dag. In de ochtend kwam een benedenbuurvrouw bij me knipselen. Ze wilde ook graag fabeldieren maken en dat maakte dat ik zelf ook weer ermee aan de gang ging. De eerste was een kleine die ik met aquarelverf afmaakte. De tweede was een grote en die maakte ik verder af op de computer.


In de avond ging ik met vriendin B. naar de schouwburg in Haarlem en daar hebben we meer dan genoten van een balletvoorstelling van Igone de Jongh en Marijn Rademaker. Wat het bijzonder maakte was de wisselwerking tussen videobeelden over haar leven en een open interview met de dans ervoor. Heb je de kans om het te gaan kijken ergens, doen. Anders op internet kijken en zoeken naar de voorstelling ‘Renaissance’.
En het weekend is ook cultureel want vanavond naar een voorstelling in het theater bij ons om de hoek waar franse chansons het thema zijn. Morgen naar Haarlem naar het Verweymuseum. En iedere keer met een andere vriendin, zo rijk gezegend ben ik.
Gisteren liep ik het labyrint dat voluit getrokken was op het harde zand van het strand in Noordwijkerhout. Onze schaduwen zagen er ook op uit.
Vlak voor ik erin zou stappen met het woord ‘loslaten’ vloog opeens het gemis van Ton me vol aan. En zoals zo vaak was Nel weer naast me als steun.
Lopend in het labyrint bedacht ik hoe veilig het is in de voetstappen van voorgangers te stappen en de zijlijnen voelden als muren die me stutten.
Rustig geworden kwam ik in de kern aan en laafde me aan de zee, de zon, de zachte wind en de ruimte om me heen. Zo bijzonder daar weer samen te staan, te lopen, me verbonden te voelen met de andere vrouwen.
Onderweg trok niets mijn oog dat opgepakt wilde worden, dus nam ik alleen mijn gevoelens en indrukken mee. Blij dat ik weer samen hier kon lopen, blij met de gesprekken op de heen- en terugweg. Weer een gemoedsvolle ochtend.
Na het schrijven van onze indrukken maakten we een elfje en dit was de mijne:
veilig
samen zijn
in het labyrint
mijn eigen pad lopen
veilig

Ik lees in het prachtige boek “En steeds is alles er” van Marjoleine de Vos:
…”De dode is niet alleen maar een te omschrijven persoon, maar ook al het gezamenlijke beleefde: een web zo fijn om de wereld gespannen dat het nauwelijks waarneembaar is, tot het kapotgetrokken wordt.
En toch wen je. Wennen is niet hetzelfde als geen verdriet hebben, al heb je meestal geen verdriet meer…”
Vooral die laatste zinnen pakten me. Ik wen aan het alleenzijn en ben momenteel meer gelukkig dan verdrietig. Maar dat stukgetrokken web heeft altijd nog draadjes die aan me vastzitten.
Vrijdag kregen we bij ‘de schildermeisjes’ een schilderij van Kandinsky om mee te werken. En direct trokken draadjes me terug naar de heerlijke vakanties in Frankrijk met Ton in onze caravan. En die herinnering maakte me eerst blij en daarna weemoedig omdat ik direct besefte: dat gebeurt nooit meer. Het gezamenlijke beleven is voor altijd afgesloten.
Maar als dan, zoals nu, de zon de kamer binnenschijnt is het of die pijn verzacht wordt door het goede van nu. Dat is het kompas waarop ik vaar om de goede koers vast te houden.
Vanochtend moest ik eruit. Heerlijk fris weer, wat mist, een beetje zon, dus fototoestel mee en naar Groenendaal. Eerst ging ik even bij Ton langs om te kijken of de bolletjes niet door de herten waren opgegeten maar narcissen en hyacinten lusten ze gelukkig niet dus Ton heeft een vrolijk voortuintje. Iemand zei: ‘eigenlijk is het een daktuintje’.
Daarna naar het bos ernaast gegaan want nu was er nog rijp op de planten en wat mist. Heerlijk om zo met je fototoestel te lopen en rond te kijken, dan ben ik helemaal zen. Ik heb echt lopen genieten van de mist tussen de bomen en dan de zon erachter. Voor wie vanochtend dat heeft gemist, geniet maar mee.
Ook zag ik wat een verschil het maakt of de zon op een blad schijnt of dat het blad in de schaduw is. Ik heb oud beukenblad met zonlicht op de foto gezet en bedacht dat ik daar ooit een haiku van had gemaakt:
gouden bladeren
zonder zon gewoon geelbruin
wondere lichtstraal




