gezicht

Ik kwam weer een onverwacht gezicht tegen.

schrijven over toen

Gisteren was in het schrijfcafé het thema: huis.

We moesten een lijstje maken van de straatnamen waar we allemaal hadden gewoond. Mijn lijstje telde 9 namen. We moesten er een uitkiezen en daar vijf minuten over schrijven. Ik koos voor de Bastiaansstraat 86 in Haarlem.

Ik kies voor de Bastiaansstraat in Haarlem omdat ik daar een heerlijke jeugd heb gehad. De buurvrouwen noemden we tante en hun mannen oom. Het waren huurhuizen en iedereen had dezelfde sleutel: een loper. Mooie naam ervoor want hij paste op alle voordeuren in de straat. Geen auto’s in de straat. Een groot grasveld waarop bordjes stonden met de tekst: gras niet betreden. Toch speelden we erop maar letten goed op of ‘ de juut’ er niet aan kwam fietsen in zijn lange zwarte jas.
Samen met de kinderen uit de straat liepen we naar school, geen enkele moeder ging mee. We speelden na schooltijd altijd buiten en afhankelijk van de tijd van het jaar was het ballen, touwtje springen, knikkeren of pinkelen.
En als in de winter de straatlantaarns aangingen, dan moesten iedereen naar binnen.

mijn jongste broertje voor ons huis.

praatvogels

Nog een laatste keer de vogelcollages in mijn creaboek. Ik heb in mijn doosje met uitgeknipte woorden en zinnen zitten snuffelen en vond er vier stukjes die bij deze twee vogels passen. Wil je de tekst goed lezen? klik dan op de foto om hem te vergroten.

doorvoelen

Vanochtend nog zo’n vogel gemaakt en nu kijken ze in mijn boek naar elkaar. Wederom daarna wat extra kleur via de computer in de achtergrond gedaan. Zo krijgt oud bewaard papier weer een functie.

vogelen

Nee, ik ben er niet opuit getrokken om te gaan vogelen maar ben binnen met een vogel aan de slag gegaan. Ik had dat gezien en dacht: ga ik ook doen. Ik printte twee keer een tekening van dezelfde vogel uit, knipte die vervolgens uit en plakte er een in mijn creaboek. De andere knipte ik in stukjes en die stukjes legde ik op gekleurd papier, trok ze om en plakte ze op de zwartwit tekening in mijn boek, precies op de juiste plek. Daarna er wat mee gespeeld op de computer en dat ziet er dan zo uit:

ui

Naast mijn bed liggen verschillende ‘bedboeken’. Een daarvan gaat over kruiden. Daarin las ik over de ui. Dat het in heel vroeger tijden het voornaamste voedsel was voor de armste volken in Midden-Azië, Laag- Azië en landen rond de Middellandse Zee. Zij kookten de ui in zout water. 
Het was ook het voornaamste voedsel voor de Egyptische slaven die zo’n drieduizend jaar voor Christus aan de piramides werkten. Zo’n duizend jaar eerder was de ui al bekend bij de Soemeriërs. Waarschijnlijk stamde de ui af van de wilde ui die in  Midden-Azië groeit. De Grieken en Romeinen brachten de ui naar Europa. 

Tegenwoordig zijn er verschillende soorten ui overal te koop. Het is het meest gebruikte aroma.

Niet voor mij vanavond maar ik heb ze in voorraad voor een andere keer.

gelukkig

Waarom schrijf ik

Ik schrijf omdat ik wil schrijven 
dat ik gelukkig ben.

Op een dag zal het zover zijn
en zal ik schrijven –
met mijn tong tussen het puntje van mijn tanden,
en met rode oren en rode wangen:
ik ben gelukkig.

Als ik daarna ooit nog twijfel
en meen dat ik verdrietig ben of de wanhoop nabij
of zelfs reddeloos verloren,
kan ik altijd opzoeken wat ik werkelijk ben:
gelukkig.

Toon Tellegen

Omdat ik even geen inspiratie heb pak ik een gedicht van Toon Tellegen. Wat kan hij met simpele zinnen veel zeggen. En mij helpt schrijven ook en net als in het gedicht het herlezen en denken: ja, dat was ook zo.

houding

Laatst zag ik iemand lopen en mijn hart maakte een sprongetje want ik dacht:Ton! Maar al direct wist ik: kan niet. Maar deze man had dezelfde bouw en loophouding als Ton. Zelfs als ik een foto bewerk weet ik: dit is Ton.

opgelucht en opgelicht

Gisternacht kwam het woord ‘opluchting’ in me op toen ik een tijdje wakker lag. Daarna direct ‘oplichting’. Eén letter verschil maar een groot verschil. Als je je opgelucht voelt voel je je van binnen lichter maar dan ben je niet ‘opgelicht’. Als je je opgelucht voelt zeg je wel eens ‘poe’ en tegelijk komt er dan een stoot lucht uit je mond.

Als je bent opgelicht is je geldvoorraad lichter geworden zonder dat je daar zelf voor gekozen hebt. Dit woord is duidelijk ontstaan toen ieder nog cashgeld had en er nog geen betaalkaarten waren. Zo’n portemonnee met kleingeld kan behoorlijk zwaar zijn.

Ik pak mijn oude woordenboek erbij en daarin staat dat een boer of wind ook oplucht. Daar moest ik even bij nadenken want wat heeft een boer, een agrariër en de wind van buiten hiermee te maken. Tot het kwartje viel dat er een lichamelijke boer en wind werd bedoeld.
En bij oplichten staat ook dat het optillen kan betekenen en dat je een tipje van de sluier kunt oplichten en zo een deel van de waarheid ziet. En zelfs na het donker kan het letterlijk beginnen op te lichten.

Had ik die nacht niet een tijd wakker gelegen dan was dit stukje er niet geweest. Zo heeft ieder nadeel inderdaad zijn voordeel.

Pep en het zingende schietkussen

Een trotse moeder typt nu dat voor de Kinderboekenweek door de CPNB het boek van Annemarie is uitverkoren als een van de thematitels. Dus heb je het nog niet voor je kleinkinderen, neefjes, nichtjes: een aanrader voor in de Kinderboekenweek. Maar je hoeft niet tot oktober te wachten hoor, je kunt het nu ook in de boekwinkel kopen.

Verder kijken »