stadsdichter

De vorige stadsdichter van Haarlem, kunstenaar en dichter Willemien Spook, stuurde mij een prachtige kerstkaart die ik van haar mag gebruiken op Fluweelbloem. Heb je iets met Haarlem en met gedichten over Haarlem, koop dan haar bundel ‘Stadsdochter’ , zeer de moeite waard. Zoals ook dit gedicht zeer de moeite waard is om te lezen en opnieuw te lezen.

collages

Vanochtend weer eens heerlijk zitten werken met stukjes papier, samen met vriendin A. Van haar zijn het kleine kunstwerkjes, van mij, tja, geen kunstwerkjes maar ik ben blij mee. En daar gaat het toch om. Thuis heb ik er op de computer nog wat verder aan doorgewerkt. De eerste foto is zoals de eerste collage geworden is. toen ik hem omdraaide en in de kern wat verdraaide zag ik er opeens een slapende kat in, foto 2. Toen heb ik het geheel zwartwit gemaakt en er een stuk afgesneden en zag er iemand achter een masker, wegduikend voor de nare tijd van nu., foto 3. Ik weet het, mijn fantasie is ruim maar misschien zie jij het ook (of iets anders).

Daarna maakte ik een kleine collage naar aanleiding van de eerste en maakte het rood belangrijker; foto 4.  En toen ik die zwartwit maakte zag ik opeens Jezus aan het kruis waarbij zijn hoofd al omlaag hing voor de overgave. Wonderlijk wat kleur doet want dat zie ik in de eerste totaal niet.

blijmoedigheid

Vanochtend pakte weer eens het boek “De kunst van ouder worden’ en zag daar wat uitspraken van Democrites die leefde van ongeveer 460-370 voor Christus. Hij werd ook wel de lachende filosoof genoemd. Stel je voor dat onze teksten over zo’n 2500 jaar nog gelezen zouden worden. Het handigst is denk ik dus belangrijke teksten toch maar in boekvorm te bewaren. Ik bleef hangen bij de zin: ‘Blijmoedigheid is een zielstoestand waarin de atomen van de ziel in evenwicht zijn.’

Moet je nagaan dat zo lang geleden men al sprak van atomen als kleinst mogelijke deeltjes waaruit iets opgebouwd was, in dit geval de ziel.
Kan iets dat niet stoffelijk is zijn opgebouwd uit atomen? Zag hij de ziel dus als iets stoffelijks, iets tastbaars? Of bedoelde hij het overdrachtelijk?
Ik vind het wel een mooi beeld. Blijmoedigheid geeft iets luchtigs, ontspannends, opgewekts, vreugdevols waardoor je even ontsnapt aan de zwaarte van het leven. En dat kan alleen als alles in balans is, in evenwicht dus.
Geen uitslaan naar uitzinnige vreugde of naar de andere kant: droefenis.

Kun je die gevoelstoestand zelf oproepen of is daar iets van buitenaf voor nodig? Als dat helemaal uit jezelf kan komen dan is dat een groot goed want dan kun je, waar je ook bent, dat gevoel oproepen. En ik denk ook eigenlijk dat echte blijmoedigheid niet door oorzaken van buitenaf opgewekt kan worden. Ze kunnen een aanleiding zijn maar slechts de blijmoedige ziet daarin het goede, mooie, bijzondere.
Het is dus een groot cadeau als je als blijmoedig mens geboren wordt. Je hebt dan altijd een voorsprong op geluk ten opzichte van anderen die dit niet hebben.

Als ik het woord uit elkaar haal zie ik: blij- moedig- heid. Heid is een Duitse meisjesnaam en betekent: vriendelijk. Prachtige combinatie.

kerst

Als de herdertjes liggen bij nachte
en de teckeltjes dansen bij dag
ligt het gras vol gouden sterren
die je eerder nog niet zag

en die sterren kun je rapen
als de nacht nog ligt te slapen
maar ook klaarlicht overdag

Geniet ervan. Het mag. Zelfs al
liggen er ’s nachts geen herdertjes
en dansen er vaak geen teckeltjes
op eender welke dag.

Erik van Os

Dit gedicht kreeg ik gestuurd van Plint en ik geef het door omdat het zo’n optimistisch gedicht is en omdat er een teckeltje in voorkomt. Het gaat om het genieten van die kleine gouden momenten die we soms over het hoofd zien. Of omdat we ze al zo vaak hebben gezien dat we het gewoon vinden, of omdat ons brein nog op somber is afgesteld. Maar ze zijn er, je moet ze alleen willen zien.
En na dagen regen schijnt de zon en gaan we ons kerstrondje buiten doen voordat Ton de keuken gaat opruimen en ik daarna weer in de keuken aan de gang ga voor een stukje avondmaal. Dat zijn al verschillende gouden sterren op mijn pad vandaag.

strijken 3

Via Nel kreeg ik de spreuk:

Bij een huwelijk krijg je geen garantie.
Als je daarnaar op zoek bent,
kun je beter gaan samenwonen
met een strijkijzer.


De enige garantie die je in het leven krijgt is dat je dood gaat. Verder krijg je nergens garantie op, behalve soms op materiële dingen.
Maar niet op gezondheid, niet op liefde, niet op werk, niet op kinderen. En hoewel je op bepaalde materiële zaken garantie krijgt is dat soms toch geen 100% garantie.
Daarom is het beter je leven te leven zoals dat goed voor jou is en voor je naasten. Blij zijn met de goede momenten want je weet niet of het zo blijft. Dus geniet in het nu en doe je best. ‘De akela doet de rest’ komt direct daarna in mijn hoofd.
Al begint (bijna) iedereen aan een huwelijk met het idee: dit is voor de rest van mijn leven, het kan veranderen en zodanig dat je blij bent dat het niet voor de rest van je leven is.
Zo kan de liefde van anderen voor jou en van jou voor anderen veranderen.
Het alternatief voor zekerheid: gaan samenwonen met een strijkijzer, lijkt me niet echt aantrekkelijk.
Of te koud, of te heet.

strijken 2

Nadat ik onlangs over strijken had geschreven, bedacht ik me gisteren dat ik daar ooit een gedicht over had gemaakt. En hoe slorig ik ook ben, ik had het zo terug gevonden. Het is in 1996 gemaakt maar zou van nu kunnen zijn. En het is echt tijdens het strijken ontstaan.

strijken maakt gedachten vrij
verwarmt ontluikende beelden
het bewegen van de arm
geeft ritme aan de woorden
plooien worden gladgestreken
warme zinnen opgeschreven

m’

Bas

Sinds korte tijd heeft onze jongste dochter en haar vriend gezinsuitbreiding: een pup van het soort ‘dwergteckel’ en zijn naam is Bas. En hij is zo schattig. Ik mocht vorige week even op hem passen en hij heeft ruim een uur op mijn schoot liggen slapen terwijl ik lekker zat te lezen. En hoe klein hij ook is, hij is totaal niet bang voor grote honden of grote mensen.

strijken

Vandaag weer aan de strijk en toen dacht ik: wanneer kwam eigenlijk het eerste elektrische strijkijzer op de markt? En hoe ging het daarvoor?
Nu blijkt de prehistorische huisvrouw ook al te hebben gestreken: met een kei. Waarschijnlijk een warme maar hoe houd je die in je hand?
Daarna kwam in de middeleeuwen het strijkglas: een soort glazen kei met handvat. Daarna kwamen ijzeren strijkijzers die op verschillende manieren verwarmd werden. Ik heb die van mijn oma nog ergens. Loeizwaar en die moest op de kachel verwarmd worden.
Rond 1900 krijgt de New Yorker Henry W.Seely het patent op het elektrische strijkijzer.
Nu ontdek ik ook dat er een Nederlands strijkijzer museum is en daar kun je de ijzers zien die ze gebruikten om die plooikragen, die op de schilderijen van bijvoorbeeld Willem van Oranje te zien zijn, zo mooi rond te krijgen.
Of speciale ijzers voor pofmouwen of om de plooitjes in corsetten te strijken. En nog zoveel meer. Lijkt me leuk daar eens heen te gaan, als het weer mag.

En opeens dacht ik: welke spreekwoorden zijn er met strijken? Deze bijvoorbeeld:

Met de hand over het hart strijken ( nog één keer vergeven)
De plooien glad strijken ( de ruzie bijleggen)
De vlag strijken ( het opgeven)
Het vaantje strijken (flauw vallen, sterven, het opgeven)
Strijk en zet (steeds weer opnieuw)
Tegen de vleug strijken (prikkelen, boos maken)

Opeens is strijken minder saai dan gedacht.

droombeeld

Niet alleen kun je met woorden spelen, maar ook met foto’s. Dat doe ik geregeld en graag en de uitkomst is vaak verrassend. Zo legde ik twee foto’s over elkaar heen, regelde wat aan schuifjes en opeens zag ik: zo ziet een droombeeld eruit als je dat wilt laten zien. Althans, mijn visie daarvan. Waar ze van droomt, dat kan ik alleen maar raden. (klik op de foto om hem vergroot te zien).

alles mag er zijn

Van de week ging ik schrijven naar aanleiding van de zin: als alles er mag zijn.

Als alles er mag zijn mag ik er dus ook zijn met al mijn hebbelijk- en onhebbelijkheden. Heb ik een functie in de wereld die alleen door mij vervuld kan worden.

Mag dus ook het kwade, het slechte er zijn. Wat is daar het nut van? Wie wordt er beter van het slechte behalve degene die het slechte verspreidt? Niemand.

Mogen dus ook de familievetes er zijn die gezinnen uit elkaar trekken. Wat is het nut hiervan behalve het genoegen van een enkeling de zich boven alles plaatst?

Mag ook de dood er zijn. Op zich heb ik vrede met de dood na een vol leven. Maar als de dood vroeg komt, bij kinderen of jong volwassenen, dan vind ik dat die dood er niet mag zijn.

Mag ieder mens er zijn, goed of slecht. Er wordt gezegd dat niemand helemaal slecht is. En dan komt het voorbeeld dat Hitler van zijn honden hield en SS’ers van hun kinderen.

Als alles er mag zijn vind ik dat onrechtvaardig. Maar wie maakt de keuze van wie of wat er wel of niet mag zijn? Volgens mij een onmogelijke keuze en is het daarom dat: alles er mag zijn?

« Previous EntriesVerder kijken »