Ja, zo voelde ik mij deze week. Dinsdag op stap met vriendinnen naar het Singer in Laren, met lunch na. Woensdag uit lunchen met drie andere vriendinnen en vandaag in mijn eentje op stap naar Schiedam. Ik wilde de tentoonstelling van de fotografe Elspeth Diederix zien en mijn vrije reis moest nog op, dus een mooie combi. En natuurlijk op een terrasje even koffie drinken en na afloop op een ander terras. Maar intussen speurden mijn ogen naar blauw, naar fotogenieke hoekjes en gaatjes en dat is dan ook heerlijk als je alleen bent, je loopt gewoon je ogen achterna en je ziet wel waar je uitkomt.

De vorige keren dat ik naar het museum in Schiedam ging, wat dat op zondagochtend in de winter en dan is het niet aantrekkelijk in de stad. Maar vandaag wel,  vooral toen ik langs het oude deel langs het water liep was het genieten. Maar ik liep ook de oude kerk in en daar was een prachtig houten plafond, mooie glas-in-loodramen , glanzende koperen kroonluchters en een heel oude brandslang.

De tentoonstelling vond ik prachtig en inspirerend en dan wil ik het boek erbij ook hebben. Maar toen ik dat zag liggen dacht ik: dat heb ik al. ¬†De nieuwe foto’s van de tentoonstelling stonden er niet in, dus blij dat ik zelf foto’s heb gemaakt. Die laat ik hier niet zien want ik denk dat dat niet mag, dus wat impressies van Schiedam op een zomerse zaterdag. Of Ton het niet vervelend vindt dat ik zo vaak weg ben? Nee hoor, hij laat mij heerlijk mijn gang gaan en doet datzelfde thuis: slapen, lezen, puzzelen en weer even slapen. En vanavond samen Beck kijken.

Ik heb nog nooit een bank gezien die van een oud bad is gemaakt, maar vandaag zag ik dat.