Met dit koude weer is het binnen goed toeven en dat hoeft dan niet thuis te zijn. In een museum is het ook goed vertoeven. Woensdag ging ik met Ton naar Amstelveen naar het Jan van der Togtmuseum. Waren we nog nooit geweest maar na woensdag zullen er vaker bezoeken aan dat museum volgen. Kwamen we af op de schilderijen van de Chinese schilder Walasse Ting, we genoten het meest van de grote verscheidenheid aan schitterend glaswerk. En dat was ook heerlijk om te fotograferen. Dat licht door die kleuren heen, prachtig. En het vakmanschap van al dat glas, je snapt niet dat ze het zo kunnen maken. Neem nu ‘ dobbelsteen’ van Richard Ritter, daar zag ik hele landschappen in.

En in de vaas van van der Ham waren zoveel tinten groen en blauw te ontdekken.

En behalve allerlei nieuwe dingen zag ik ook een stuk jeugd terug aan de wand in het begin van het museum. Van der Togt was de man van de Tomadofabrieken en wie had in de jaren 50 en 60 geen boekenrekje, droogrek en wat al niet van Tomado? Als ik dit boekenrekje zie krijg ik plots heimwee naar mijn oude kamertje waar ik op zo’n zelfde boekenrekje trots mijn pocketboekjes had staan.

En na het bezoek natuurlijk lekker lunchen in het oude stationnetje vlakbij het museum. En de dag erop ging ik veel verder terug in de tijd, samen met Ivonne. We gingen naar Leiden voor een lezing over Nineveh en bezochten daarna de tentoonstelling. En wederom werd dat afgesloten met een lunch. Als je de kou trotseert moet er wel wat tegenover staan, nietwaar? En zo komt deze splinter door de winter.