Kijkend naar de verkiezing van de Tweede Kamer voorzitter zei ik: “die is wel door de wol geverfd.” En direct er achteraan dacht ik: jij verft de wol toch, de wol verft jou toch niet?

Dus even opgezocht waar de uitdrukking vandaan komt. Het blijkt dat de positieve uitleg vroeger minder positief was. Nu betekent het: ‘ zeer ervaren’, maar voorheen stond het voor ‘ brutaal, doortrapt.’ (Van Dale 2005, dus echt niet lang geleden).

Eigenlijk moet er staan: in de wol geverfd zijn. Wol die direct van het schaap kwam en onbewerkt werd geverfd werd doordrenkt met verf en hield zijn kleur beter vast. Het kostte veel meer verf en was dus duurder dan wol die later pas geverfd werd. Die was niet zo doordrongen met verf.

In de zestiende eeuw werd de uitdrukking’ in de wol geverfd’ (van iets heel goed op de hoogte zijn, meestal iets ongunstigs) al gebruikt en in de achttiende eeuw werd het ‘ door de wol geverfd zijn’.

Opeens moet ik denken aan de tijd dat onze M. nog heel klein was en ik nog regelmatig zat te spinnen. Van mijn oom kreeg ik eens per jaar een schapenvacht, nog helemaal vies en stinkend, maar dat spon het lekkerst. Van de gesponnen draden breide mijn moeder vesten voor Ton en M. Het grote vest was zo zwaar dat Ton het zijn’ kogelvrije vest’ noemde. Dat jaar kreeg ik de vacht van een zwart schaap en ik zie M. nog lopen door de kinderboerderij. Mogelijk roken de schapen nog iets bekends aan haar vestje.