Ik ben elke dag weer nieuwsgierig wat de mail me brengt. Zo ontving ik onlangs twee mails waarbij ik dacht: dat is wat voor Fluweelbloem. En zie hier: een afgeluisterd gesprek in de bus en een gedicht dat werd voorgelezen in een kerk bij het thema ’ naastenliefde’. Beide mailers (Els en Folkje) vinden het goed dat ik het hier gebruik.

Gesprek opgevangen in de bus

“Ik word nu zo oud dat ik hardop praat bij alles wat ik doe.”
“Ik ben zo doof dat ik dat niet hoor.”

Vleugels

Voorzichtig
heb ik de gevangen vogel
uit de strik verlost.
Ik laat hem vliegen.

 Hij geeft mij vleugels.

 Willem Hussem

En net als Els haat ik die bladblazers. Wat een rotgeluid, de makers hebben oorbeschermers maar de buren niet. Ik kan me het bij de gemeentewerkers voorstellen, al die lange straten vol blad, maar die tuintjes die wij hebben, dat kan toch makkelijk anders. ben je helemaal Zen als je klaar bent. Nu opgefokt denk ik van het trillen en de toch nog doordringende geluiden. Weg ermee. Ik  moet opeens denken aan Koot en Bie die daar een parodie op maakten toen die dingen er pas waren. Ze bliezen de blaadjes van de ene kant naar de andere en ruimden ze niet op want dan konden ze niet meer blazen. Wat een genot waren die zondagavonden met hen.