Wanneer alleen ik tranen ween
‘t zij droevig het zij blij
ik misse u, o ik misse u zoo,
ik misse u neffens mij.

Guido Gezelle

Dit is een deel van een gedicht van Gezelle en ik heb het zeker twintig jaar geleden opgeschreven omdat het mij zo raakte. Volgens mij komt dat omdat het raakt aan gevoel van bijna niet uit je woorden kunnen komen van verdriet, het herhalen ‘ ik mis je zo, ik mis je zo’ en dat blijven herhalen omdat je het nog niet kunt geloven dat die ander er niet meer is. Net als Els houd ik ook van veel gedichten van Gezelle en ook het onderstaande heb ik overgeschreven in dezelfde tijd als het bovenstaande.

De avond komt zoo stil, zoo stil,
zoo traagzaam aangetreden,
dat geen en weet, wanneer de dag
of waar hij is geleden.
‘t Is avond, stille…en, mij omtrent,
is iets, of iemand, onbekend,
die zachtjes mij beroerend zegt:
‘t is avond en ‘t is rustens recht.

Guido Gezelle.

Ook hier die herhalingen als versterking en het woord ‘ traagzaam’ wordt nog trager door die twee keer een aa erin. Heel knap vind ik hoe hij in dit gedicht de rust heeft weten weer te geven. In vind Gezelle’s gedichten echte ‘hardopleesgedichten’ , dan komen de klanken nog beter tot hun recht. Probeer maar eens.