Soms heb je geen zin om lange teksten te lezen maar wil je wel lezen. Ongedurigheid zit dan in je. Gelukkig zijn daar ook boeken voor, zoals het oude’ Randje Groen‘ van Libelle. Daar staan veel leuke feitjes in de natuur. Zoals het volgende:

De varen was in zijn tijd van ontstaan een plant met nieuwe snufjes. Wat er voor die tijd groeide waren wieren en mossen. Die wieren groeiden in het water en konden daar flink in de lengte groeien, maar het mos op het land was en bleef laag. Pas met de komst van de varens werden de planten op het land wat hoger. Dat komt omdat zij nerven kregen en dat geeft stevigheid. Denk nu niet dat daarna alle planten nerven kregen want de helft van alle plantensoorten op de wereld heeft nog steeds geen nerven.
klik op de foto om te vergroten
varens                                     wieren

Bossen en wouden, propvol bladgroen, zijn enorme zuurstoffabrieken. Maar de belangrijkste bossen groeien onder water, in de zee. Ze bestaan uit algen, sliertige planten, die als een groen lange haardos overal op groeien. De slierten zorgen voor verreweg de meeste zuurstof die wij inademen. Daarom is het van zo’n groot belang dat de oceanen schoon worden en blijven, want als deze algen er niet meer kunnen groeien, komen wij zuurstof tekort.