verlangen

Sommige gedichten zijn in hun eenvoud zo mooi omdat zij zonder grote woorden zoveel uitdrukken en oproepen bij de lezer. Hoewel Nel en ik ons vogelproject hebben afgesloten, betekent dat niet dat ik niet meer op vogelallerlei let. Zo stond bij 11 februari in het al vaker genoemde boek ‘Ik wou dat ik een vogel was’ het volgende gedicht:

STEEN

Vogels strijken even
op hem neer
en raken nooit meer
door de steen vergeten

sinds die dag
droomt hij
van vleugels

Iris le Rütte

Dit is puur verlangen zonder dat woord te gebruiken. Ik zocht er even een steen bij die dit verlangen zou kunnen uitbeelden en koos deze.

regen

Eigenlijk had ik dit gisteren willen plaatsen maar toen kwam het er niet van. Vandaag was het droog, maar mocht het binnenkort weer gaan regenen, wees dan blij want:

Ik zag deze tekst op een kaart van : atelierisidoor.nl

storm

De storm van de afgelopen dagen en een afgevallen bloem van de orchidee inspireerden mij tot het maken van deze foto.

woorden

Definitie

Dat ze van woorden zijn”, zei ze,
toen ik haar naar het wezen van verzen vroeg.
“Niets anders dan woorden”.

Ik wou haar leren dat ze
van leven zijn, gedichten,
niets anders dan leven

maar vond er niet de woorden voor.

Harmen Wind (uit Bij hoog en laag, uitgeverij Frysland/Afuk, 2002)

Dit gedicht kreeg ik van een dierbare vriendin. Het geeft voor mij precies weer waar een goed gedicht over moet gaan: over het leven met zijn kleine en/of grote gebeurtenissen maar die iets voor ons betekenen. Het zijn niet slechts woorden. Woorden zijn de rails waarover de trein met inhoud rijdt. Ze zijn een route. Een rails kan rechtdoor gaan maar ook kronkelen en dat beslist de dichter met zijn woordkeuze. Dus de woorden zijn belangrijk maar niet om het woord zelf maar om de wereld die erdoor opgeroepen wordt.

detail

Ik ben, dat is inmiddels bekend, meer van het detail dan van het grote geheel. Dus een oude schutting trekt mijn aandacht maar ik geniet van de knoesten en andere onregelmatigheden erin en die zet ik op de foto. Thuisgekomen bekijk ik de foto’s, gooi weg, sla op of ga ermee aan de slag om er iets anders van te maken. Zoals onderstaande foto.

vuist

We kregen de zin: ‘Wie een vuist maakt kan geen hand geven’ om daar een aantal minuten over te schrijven. Dit kwam er in mij op:

Bij een vuist denk ik direct aan gebalde woede. Woede verkrampt, stoot af, laat de ander niet toe. Open je hand, open je hart en laat de ander binnen.
Laat woede niet je weg blokkeren maar probeer het pad naar jezelf en de ander open te houden.
Soms moet je even pas op de plaats maken om gevoelens boven te laten komen, te voelen, beoordelen en weer loslaten. Dan kun je weer verder.
Er zullen altijd opstoppingen zijn op je levenspad, opgekropte gevoelens die de voortgang blokkeren, maar gun jezelf een opening naar buiten, naar verder, naar de ander.

Toen de anderen hun stukje voorlazen dacht ik geregeld: wat mooi, daar heb ik niet aangedacht. En dat is het leuke van met elkaar schrijven dat je blikveld wijder wordt en je attent gemaakt wordt op dingen waar jezelf niet aan had gedacht. Maar vanaf nu dus wel. En dat geldt voor ieder aan tafel denk ik.

labyrint

Vandaag liep ik weer het strandlabyrint en na afloop schreven wij daar weer over. Daarna maakte ieder een rondeel naar aanleiding van de eigen tekst. Dit is mijn rondeel.

alleen op mijn pad
hoe langer ik loop, hoe rustiger het in mij wordt
in het midden adem ik weidsheid in
alleen op mijn pad
dankzij het labyrint
van getrokken lijnen in het zand
hoe langer ik loop, hoe rustiger het in mij wordt
alleen op mijn pad

maan

Ik fotografeer niet alleen die mooie wolkenluchten vanuit huis, maar soms ook de maan. En als ik de maan dichterbij haal, is het net of ik in een oog kijk.

Ik ga eens kijken of er spreekwoorden of gezegdes over de maan zijn. Jawel.
Hij is naar de maan: hij is er vandoor; hij is verloren; hij is dood.
Alles is naar de maan: alles is kwijt.
Naar de maan reiken, de maan met de handen willen grijpen: het onmogelijke willen doen.
Loop naar de maan (en pluk sterren): loop heen.
Tegen de maan blaffen: nodeloze bedreigingen uiten.
Hij is met de maan getikt: hij is in zijn geestvermogens gekrenkt.

Dit lees ik in een Van Dale woordenboek uit 1925. Er staat ook het woord ‘maanblaffer’ in en dat is een Indische kamponghond. Dat zou in een woordenboek van nu niet meer staan denk ik. Maar als ik het opzoek staat het er nog steeds in, alleen staat er nu Indonesische.