schrijven en gewichtheffen

 Ik schrijf heel graag en lees ook graag over schrijvers en hoe zij tot hun schrijfsels komen en hoe zij dat dan weer beschrijven. Uit het al meerdere keren geciteerde boek’ een jaar aan scherven’ van Koos van Zomeren staat zo’n leuk stuk.

Schrijven is zoiets als gewichtheffen. Ik heb van gewichtheffen weinig sjoege, maar je ziet weleens zo’n mannetjesputter op de tv, een tenenwippend en handenwringend gedrocht, vol haat en angst, gefixeerd op het dode gewicht dat als het wordt aangevat de spieren scheurt en de bloedvaten doet barsten.
Dat gewichtheffen als sport wordt beschouwd bevalt me aan de vergelijking het best. Ook schrijven dient tot niets behalve zichzelf. Je doet het jezelf aan. En als er een inzinking nodig is om moed te verzamelen voor de volgende krachtsinspanning doe je jezelf een inzinking aan.
Is schrijven een prestatie? Voor de meeste mensen wel en dat is maar gelukkig ook. Voor mij betekent schrijven dat ik me ermee verzoend heb te doen waarvoor ik geschikt ben. Voor mij zou het een prestatie zijn gewicht te heffen.’

Ikzelf heb een aantal gedichten gemaakt over het dichten. Een daarvan las ik vroeger graag voor omdat ik het een leuke afsluiting vond voor de soms zwaardere gedichten. Het gaat zo:

was ik er maar nooit aan begonnen
al dat dichten begint mijn leven
aardig te ontwrichten
geen tijd meer voor een suite van bach
espresso in plaats van koffie-hag
wakker moet ik blijven en alert
ik voel het in al mijn gewrichten
dit dichten zal mij ten gronde richten

En ter afsluiting wil ik R. en de andere reageerders danken voor hun complimenten. Leuk om te lezen dat het wordt gelezen en gewaardeerd.

ouder worden

Vanmorgen een onverwachte vrije ochtend en dus met Ton genoten van Borgen op de dvd. Wat een geweldige serie. En nu zit ik wat te rommelen op mijn kamer en zie het boek ‘De kunst van ouder worden’ van Joep Dohmen en Jan Baars en zie daar allerlei gekleurde stickertjes uitkomen. Ik sla een pagina open en geniet opnieuw van de aangestreepte stukken.

Het gaat over Democrites, een Griekse geleerde, astronoom en filosoof die leefde van ca. 460 tot 380/370 voor Christus. Nou, als je gedachten dan nog steeds in boeken verschijnen dan hebben die de tand des tijds ruim doorstaan. Hij werd ook wel ‘ de lachende filosoof’ genoemd : “blijmoedigheid is een zielstoestand waarin de atomen van de ziel in evenwicht zijn.”

Nog een fragment uit zijn teksten:
“De ouderdom is een verminking waarbij het lichaam geheel in tact is: hij bezit alles maar overal ontbreekt wel iets aan”.

 

 

 afbeelding uit Wikipedia
Ik heb een tijdje geleden een een soort uitsprakenkalender over ouder worden gekocht. Daarin lees ik onder andere: “ Ouderdom brengt niet altijd wijsheid met zich mee. Meestal komt ouderdom in zijn eentje.”
Wel, ik hoop dat ik geregeld op zal lopen met wijsheid en dat er wat blijft hangen want ouder worden zonder wijzer te worden, dat lijkt mij eigenlijk verspilling van je leven.

straatkunst

Ik kreeg net een mail van onze A. die in Amsterdam, bij de Haarlemmer Houttuinen een prachtige muurschildering zag. Die heeft ze gelukkig vastgelegd en aan mij doorgemaild. Het is niet alleen heel bijzonder van beeld, maar vooral ook van tekst. De andere twee foto’s heb ik gemaakt van de voorkant van onze auto. Toen ik aan kwam lopen zag ik allerlei mooie ijsstukken erop zitten, dus fototoestel gehaald en een aantal foto’s gemaakt.

klik erop om ze vergroot te zien.

koffie zetten bijvoorbeeld

Koffie zetten bijvoorbeeld

Zo is men soms alleen in huis: de dingen
verliezen binding met de werkelijkheid.
Wegglijdend in een slaap buiten de tijd
houden zij op te glanzen en te zingen.

En zij ontkennen hun herinneringen
en raken langzaam hun geheugen kwijt.
En men wordt roerloos als hun roerloosheid.
Een vreemdeling onder de vreemdelingen.

Dan moet men heel gewone dingen doen.
Iets jaren ouds, bijvoorbeeld koffie zetten.
Aandachtig op kleine gebaren letten.
Zorgvuldig bonen in de molen doen.

Een warme, korreldroge geur begint
zich langzaam door de kamer te verspreiden,
de dingen tot hun leven te bevrijden.
De spiegel glimlacht terug. Het water zingt.

 Harriet Laurey

 Dit gedicht las ik vanmorgen in een oude bundeldie ik nog van school heb. En dan zie je maar dat sommige gedichten/gedachten de jaren doorstaan zonder iets te hebben ingeboet. Je kunt je soms verdwaald voelen in een vertrouwde omgeving tot een klein gebaar je weer terugbrengt in het nu in alles dat je al zo lang zo goed kent.

binnenpret

Hoewel ik deze dagen bijna elke dag buiten aan het fotograferen ben, ben ik van de week ook een middag binnen bezig geweest, samen met A. op haar atelier. Wij gingen verder met foto’s voor ons nieuwe boek met als rode draad’ weerspieglingen’. Ik had wat kleine kerstballetjes mee genomen maar die kleuren waren te hard en toen viel er een stuk. In navolging van A. (zij bedenkt altijd van alles waar ik niet op zou komen) legde ik die op een glasplaat naast een spiegel en het leek of de stukjes zweefden. Ik had ook een cadeauzakje bij me dat prachtig allerlei kleuren reflecteerde als er licht op gezet werd. En vaak zie je pas op je toestel hoe bijzonder dat effect is. Je snapt het, ook dit was genieten. Maar toch, op dit moment is voor mij de buitenpret hoofdzaak, dus ik ga er straks weer lekker opuit. Jawel, voor de zoveelste sneeuwfoto maar vooral om te genieten, diep die heerlijke winterlucht in te ademen en daarna vol verwachting achter de pc te gaan zitten.

klik erop om ze te vergroten

nog een extra

De vorm van sneeuw

Moela Nasroedin begeeft zich op een dag naar een blinde en gaat bij hem zitten.
De blinde vraagt hem: ” Nasroedin, vertel me eens, hoe ziet sneeuw eruit?”
“Sneeuw is wit,” antwoordt Nasroedin.
“Ah,” zegt de blinde. Kort daarna vraagt hij: “Maar wat is wit?”
“Wit,” zegt Nasroedin, naar woorden zoekend, “is als melk.”
“Ah,” zegt de blinde. Even later vraagt hij: “hoe ziet melk eruit?”
“Melk, zegt Nasroedin, “kijk, melk is als die vogels op de rivier, je weet wel, zwanen…”
“Ah,” zegt de blinde. Even later vraagt hij aan Nasroedin:
“Vertel me eens, Nasroedin, hoe ziet een zwaan eruit?” “hm, een zwaan is een grote vogel, met grote vleugels, een heel lange hals en zo’n snavel.” Hij imiteert een zwaan door zijn arm, met gebogen pols, naar voren te steken.
De blinde strekt zijn hand uit en laat die langzaam en aandachtig over Nasroedins arm en hand glijden.
Dan zegt hij met een glimlach: “Ja, nu weet ik hoe sneeuw eruitziet.”

Ik weet niet wie dit verhaal geschreven heeft, maar ik ben het dus niet.

tijd voor een mooi verhaal

De man in de wolken

Hoe de man in de wolken eigenlijk heette en waar hij vandaan kwam dat was onbekend. In het dorp wou ook niemand dat eigenlijk weten. De man in de wolken, zo stond hij bekend.
En de man in de wolken kwam nooit naar beneden. Alleen, maar volmaakt gelukkig was hij. En dat had een zeer bijzondere reden: Aan de muur in zijn huis hing een prachtschilderij.

En de man in de wolken kon er uren naar kijken. In schoonheid gingen zijn dagen voorbij. Een hoger geluk kon hij niet bereiken dan kijken en kijken naar het prachtschilderij. En vaak zag je mensen naar boven toe lopen. Naar de man in de wolken met het prachtschilderij.

De deur van zijn huis stond voor iedereen open. Kom er maar in, zei hij altijd gastvrij. En iedereen gaf hem, omdat dat zo hoorde een brood of wat wijn, als een soort van entree. Dat was door de jaren gewoonte geworden: Voor de man in de wolken nam je iets mee.

En op een stoel naast de man in de wolken gezeten werd alles opeens zo helder als glas en het prachtschilderij deed je even vergeten hoe treurig en lelijk het leven soms was.

Het was een landschap zo mooi, zo schitterend leeg. Zo moest het geweest zijn toen de wereld begon. Je kon zien hoe alles een vorm en een kleur kreeg in het licht van een eindeloos opgaande zon.

Op een dag kreeg de man in de wolken bezoek van een vreemdeling die hem een hand gaf en zei: U schijnt de bezitter te zijn van een doek dat beneden bekend staat als een prachtschilderij. En de man in de wolken zei: Komt u maar binnen, en de vreemdeling ging voor het landschap staan en raakte vervolgens totaal buiten zinnen: Het is niet te geloven! Hoe komt u hieraan? Een meesterwerk! En kijk toch eens even. Compleet met lijst en signatuur! Meneer, u bent binnen voor de rest van uw leven. Hier hangt een gigantisch fortuin aan de muur!

En de man in de wolken wilde vergeten wat de vreemdeling hem die dag had verteld, maar er was iets veranderd, alleen door te weten dat schoonheid was uit te drukken in geld.
Tegen bezoekers zei hij steeds vaker: Raak het niet aan! Of: kom niet te dichtbij. Hij veranderde langzaam in een bewaker. Een voorzichtige man met een prachtschilderij. En toen kwam de angst en kwamen de dromen. Dieven die schreeuwden: Kom hier met dat doek! En zo is het slot op zijn voordeur gekomen en kreeg de man in de wolken steeds minder bezoek.

Het was een landschap zo mooi, zo schitterend leeg. Zo moest het geweest zijn toen de wereld begon. Je kon zien hoe alles een vorm en een kleur kreeg in het licht van een eindeloos opgaande zon.

En de man in de wolken dacht soms nog wel even terug aan de tijd toen het prachtschilderij nog aan iedereen troost en warmte kon geven maar zo mocht hij niet denken, die tijd was voorbij. Hij moest het beschermen, desnoods met zijn leven. Dat was hij aan de schoonheid van het landschap verplicht. Een diefstal dat zou hij zichzelf nooit vergeven dus deed hij alles wat dicht kon nog dichter dan dicht.
Maar toch werd hij banger, geen nacht die voorbij ging of hij hoorde de dieven en ze vonden het vast. Want ze wisten dat het bij hem aan de muur hing en toen sloot hij het landschap op in een kast. Maar de plek waar het prachtschilderij had gehangen werd leger en leger en op den duur werd de man in de wolken gek van verlangen en hing hij het landschap terug aan de muur.

Die nacht heeft hij uren en uren gekeken naar de kleuren, de vormen en de opgaande zon. Maar de glans was verloren, de schoonheid geweken alsof hij niet meer goed kijken kon. En opeens zag hij alles zo helder als glas: Daar hing in een lijst zijn angst aan de muur!
Die nacht in de wolken begreep hij dat pas en smeet hij het prachtschilderij in het vuur.

En de man in de wolken zag het landschap verkleuren en de opgaande zon in vlammen opgaan. Toen stond hij op, deed het slot van zijn deur en verbaasd bleef de man in de wolken toen staan.

Hij zag een landschap zo mooi, zo schitterend leeg. Zo moest het geweest zijn toen de wereld begon. Hij zag hoe alles weer vorm en weer kleur kreeg in het licht van een prachtig opgaande zon.

Harrie Jekkers en Koos Meinderts, 1991. Dit verhaal is een lied en ook op CD uitgebracht.

sneeuwslingers

Van de week was ik een dagje naar Brabant, op de dag dat onze jongste schoonzoon ook toetrad tot de 40′ers. En zowaar, de bomen in het Vughtse bos hadden de slingers uitgehangen. Vriendin C. en ik verwonderden ons over die loshangende sneeuwslingers en dachten dat er wel ijs in zou zitten, maar nee. Als je eraan kwam viel het als losse sneeuw uit elkaar. Wij hadden dit nog nooit gezien. Toen ik het aan Ton vertelde dacht hij dat er misschien spinnendraden in gezeten hadden, maar ik denk het niet. Ik denk dat het bos wist dat R. jarig zou worden en dat hij wel iets bijzonders verdiende.

Bij C. in de tuin was een roodborstje dat zich aan alle kanten liet fotograferen. En dat deed ik dan ook volop. Maar zo bijzonder als een foto van een collega van onze M., nee, zo bijzonder waren ze niet. Zij/ hij had een roodborst in het park gefotografeerd met een ijsafzetting rond de staart en dat duidelijk op de foto gekregen. De vogel sleepte geregeld ermee over de grond om die ballast kwijt te raken. Waarschijnlijk opgelopen in een waterbakje.

En vandaag is schoonzoon P. ook toegetreden tot het gilde der amateurfotografen. En als hij maar de helft van het plezier heeft wat ik beleef met mijn toestel, dan gaat hij heerlijke tijden tegemoet.

veranderend landschap

 

Ik dacht: laat ik eens een paar vakjes in mijn boekenkast opruimen. En daar kwam ik een schattig groen boekje tegen dat ik ooit van A. of M. heb gekregen en dat ik had bestemd voor mooie/boeiende/wijze uitspraken. En zo gisteren lopend langs het Spaarne in Haarlem en allerlei plekjes zien die ik al van jongs af aan gezien heb valt me de tekst van Koos van Zomeren op uit ‘ een jaar in scherven”. En nu ik na het lezen er over nadenk besef ik dat veel plekken van mijn jeugd niet al te zeer zijn veranderd of zelfs helemaal niet. Een paar maanden geleden ben ik met vriendin a. langs plekjes van onze jeugd in Haarlem Noord gefietst en onze huizen van toen waren er nog, de scholen, de speeltuin. Dat is toch wel bijzonder, vooral als je het onderstaand citaat leest.

 

Landschap

Zo is het.

Elk levend wezen heeft een inwendig plaatje van het landschap waar hij/zij thuishoort.
Het landschap van zijn jeugd, daar was het goed, het pure feit dat je er bent opgegroeid bewijst dat.
En probeer in Nederland dan eens één element in het landschap te noemen dat sinds je jeugd niet grondig is veranderd.
Alleen de horizon boven de zee misschien.

herleesboek

…Tijdens die tocht
hadden we vlinderzwermen
als honderden meter lange, dansende linten gezien.
Ze fladderden zelfs over de hoogste
dichtgesneeuwde passen naar onbewoonde
dalen vol smeltwaterbeken,
ze volgden misschien een voedselketen
die bloeiende moerassen met gletsjers verbond,
misschien echter ook zomaar
een route waarop ze verdwaald waren, de route
van een herinnering die terugreikte tot de oertijd,
toen zich tussen de plek waar ze vertrokken
en die waar ze heen wilden
nog geen ijsbergen verheven hadden,
er alleen maar zacht, vruchtbaar heuvelland was…

Dit staat in een van mijn favoriete boeken’ De vliegende berg’ van Christoph Ransmayer. Het is echt een herleesboek en vooral lekker om in bed te lezen want het is geschreven als een lang gedicht en in strofen zoals hierboven. Er staat veel onderstreept, aangestreept en de ezelsoren geven aan waar het de moeite van het weer even herlezen waard is. Er komt veel kou, sneeuw en ijs in het boek voor en daarom herlees ik het nu weer. Gisteren ijs, vandaag sneeuw, eindelijk dat wintergevoel. Heerlijk.

Verder kijken »