dichtbij

Ik heb het boekje ‘Overpeinzingen van een bramenzoeker’ van R.N. Roland Holst weer eens gepakt toen ik een stukje met de trein moest. Een stukje trof mij omdat het past onze levensfase: geen verre reizen meer maar tevreden zijn dichterbij te verpozen. De schrijver stierf in 1938 en zijn taal is heerlijk ouderwets langzaam.

…’Mijn jongere vrienden schrijven mij hoe zij op de steilste Alpen klimmen en ik verdroom hier de middag tussen de bloeiende hei, volgend het spel van schitterlichte arabesken, die zon en water te zamen tegen de donkere oever vlechten.
Zou ik te oud worden voor die hoge tochten? Mijn haren, het is waar, grijzen, maar fataler teken lijkt mij nog die diepe bevrediging die het hart in dadeloos mijmeren vindt. Zou alleen mijn gevoel nog kunnen klimmen tot waar de wolken zijn?’…

strijkplank en boek

Ik wilde mijn ochtend eens nuttig besteden door te gaan strijken. Maar toen ik de strijkplank uitklapte gebeurde er iets geks: hij boog door. Blijkt hij doormidden gebroken te zijn. Nog nooit meegemaakt. En omdat ik niet direct een reserveplank heb, pakte ik mijn biebboek en alleen om de openingszin zou je het boek al kopen. Maar even verder werd het nog beeldender. Ik houd van de wind, probeer er soms over te schrijven, lees er graag over, maar zo mooi als hier heb ik nog niet gelezen.

…’Het dunne gras, dat min of meer de heuvel bedekte, werd door de wind aangeraakt met windstoten van verschillende sterkte en bijna verschillend van aard- de ene wreef grof over de halmen, de ander harkte er priemend doorheen en weer een ander borstelde ze als een zachte bezem. Men bleef instinctief staan om te horen hoe de bomen rechts en links weeklaagden, of in de regelmatige antifonen van een kerkkoor zongen, hoe heggen en heester aan de lijzijde vervolgens de toon oppakten en deze tot de tederste snik lieten dalen, en hoe de gehaaste windvlaag vervolgens naar het zuiden dook, om nooit meer gehoord te worden...’

Op ieder pagina staan zulke mooie stukken, je zou er bijna een gedicht van kunnen maken. Ga ik nu niet doen, ik ga een nieuwe strijkplank kopen. En dit boek, want dit is een echt hebbe- en herleesboek: ‘Ver weg van het stadsgewoel’ van Thomas Hardy.

voor M.

Ik moet mijn kamer opruimen maar zag net een map met citaten en deze is voor onze M., vast liggend aan het zwembad in Griekenland.

Toen ik op school zat, las ik in boeken. En wat ik gelezen had, zette ik op een papiertje. Een proefwerk. Als de meester vond dat het voldoende was, gaf hij mij een voldoende. Toen ik studeerde, las ik in boeken. en wat ik gelezen had, vertelde ik aan de professor. Een tentamen. Als die man vond dat het voldoende was, gaf hij mij een voldoende. Nu ik leraar ben, lees ik in de boeken. En wat ik lees, vertel ik aan mijn leerlingen. Die zetten het op papier. Een proefwerk. Als ik vind dat het voldoende is, geef ik ze een voldoende. Mijn leven bestaat uit boeken en papier. Ik verteer mijn papier in mijn boekmaag, en ik braak kennis uit. Daarvoor ontvang ik geld. Dat is mijn leven.

A.L.Snijders
uit: ‘Heimelijke vreugde’.

citaat

Vandaag een rustige dag met buiten wolken die heel langzaam langs komen en soms wat regen laten vallen. Binnen is het lekker, geen koude wind, wel warme thee en boeken. Straks komen de bridgespullen tevoorschijn en gaan we met I. en W. weer eens wat spelletjes spelen. Maar nu is het nog niet zover. Nu ligt er naast mij een oud citatenboekje waar ik in 1995 heel veel in heb overgeschreven uit de boeken die ik toen las. Zoals uit ‘Paula’ van Isabelle Allende: …’ De dagen verglijden als geduldige korrels van de zandloper, zo langzaam dat ze zoekraken op de kalender’…

Dat eerste deel van de zin, dat is zoals wij dat allemaal wel eens denken en zoals het vaak wordt beschreven, bijna een cliché, maar het tweede deel, dat is een stuk dat alleen een goede schrijver kan schrijven. Dit soort zinnen schrijf ik over om ze later te herlezen, vele malen soms. En er dan steeds weer van te genieten. Zoals ook deze zin uit hetzelfde boek:…’ En de wanden van bordkarton waren zo dun dat ’s nachts onze dromen door elkaar heen liepen…’

Prachtig beeld toch, daar kun je je zoveel bij voorstellen. Dat is de magie van het woord.

Van Dis enzo

Vandaag weer zo’n heerlijke dag voor even op de fiets en lang op het balkon. Althans voor mij, Ton loopt al met stok maar de fiets, dat is nog een halte te ver. Maar de rolstoel is de deur uit, dus het gaat goed.

Gisteren en vandaag voor de tweede keer het laatste boek van Adriaan van Dis gelezen: “Ik kom terug”. En dat kan ik zo weer voor een derde keer ook lezen, maar nu nog niet. Nu ben ik verder gegaan in zijn hele dikke boek “Leeftocht”. Ik bladerde terug en bekeek de aangestreepte stukken en bewonderde weer zijn taalgebruik en verwonderde mij over zijn inzicht in de mensen en de maatschappij.

In 2006 schreef hij “Brief aan mijn Turkse kleermaker” en ik pak daar een stukje uit (hij is dan in Parijs)…” Het Franse integratiemodel is kleurenblind. Wie Saïd of Bubakar heet kan maar beter zijn naam veranderen als hij voor een sollicitatiegesprek wil worden opgeroepen. En als hij zover komt, schieten de woorden hem tekort. Een recent onderzoek van Libération heeft uitgewezen dat de woordenschat van jongeren uit de probleemwijken nauwelijks de achthonderd overstijgt. Aan de andere kant van de Périphérique beschikken blanke leeftijdgenoten over minstens tweeduizend woorden. La courneuve, tien metrominuten van het centrum, maar in de praktijk lichtmijlen verwijderd van de witte wereld…”

In zo’n omgeving met een heel hoog percentage werklozen kunnen jongeren zich steeds meer gaan afzetten tegen de westerse wereld en worden ze rijp gemaakt voor extremisme. Niet alleen in Frankrijk, maar ook in ons land. Ik dacht dat goede scholing mogelijk een oplossing zou kunnen zijn maar dat is niet zo. Ook hoger opgeleide jongeren maken die keuze. En als je dan hoort hoe sommige hun best hebben gedaan op school, diploma’s hebben behaald maar inderdaad niet op een sollicitatiegesprek worden uitgenodigd, maar met een Hollandse naam onder dezelfde brief wel, dan vind ik het knap dat zij toch aan de goede kant van de wet blijven. Ondanks het uitzichtloze dat zij om zich heen zien.

Ik denk dan ook wel eens: hoe zou het andersom zijn? Als westerlingen in grote groepen in oosterse landen zouden komen wonen, hoe zou op hen gereageerd worden? Ik vrees hetzelfde want wij mensen zijn toch wel erg geneigd om te willen behouden wat we hebben en delen dat niet graag met mensen die wij nog niet goed kennen. Maar gelukkig zijn er overal uitzonderingen op deze regel, dat was gisteren ook te zien in De reünie over vluchtelingen in 2002 op Vlieland. Na een aanvankelijk moeilijke start werden die mensen in de harten van de Vlielanders gesloten en een van de belangrijkste mensen daar was de echte dokter Deen. Een mevrouw noemde hem een heilige. Zelf zal hij daar heel anders over denken, net als al die vrijwilligers die zich totaal inzetten voor de vluchtelingen waar dan ook.

tussen haakjes

Het leuke van al gelezen boeken weer eens openslaan is dat ik dan door het boek ga via alle haakjes die om om mooie zinnen of rond hele stukken tekst heb gezet. Vaak heb ik me voorgenomen al die aangestreepte stukken eens achter elkaar te zetten als een soort hoogtepunt van het boek. Voor mij dan, anderen zullen andere stukken kiezen.

Zo heb ik dubbel genoten van het boek ‘Zomer in Anatolië‘ van Gaston van Camp. Enkele aangehaalde stukjes:

‘ Het is adembenemend mooi. Je moet met woorden als ‘ adembenemend’ omspringen alsof ze van kwikzilver zijn. Er zijn buiten de dood weinig dingen die je adembenemend mag noemen…’

‘ De weg klom de kloof uit’…

‘ Augustus, oogstmaand. Maar het groen kreeg al een voorzichtig tintje van brons, de blaren van de wijngaarden hingen slap en half verkleurd. Herfst preludeerde, september kwam op kousevoeten naderbij…’

Dat is het heerlijke van boeken hebben. Je mag erin schrijven, je kunt het herlezen, uitlenen, weggeven of gewoon in je kast laten staan om er af en toe eens een uit te nemen. Zoals nu.

boeken

‘Buiten de hond is het boek de grootste vriend van de mens

Binnen de hond is ‘t te donker om te lezen’.

Els stuurde me onlangs enkele gedichten en een leuk citaat over boeken. Het citaat staat hierboven, het gedicht hieronder. Boeken, wij kunnen niet zonder. Het snuffelen in een boekwinkel, hoe ouder hoe spannender, het bekijken, het heerlijke kopen en dan mee naar huis. Zitten en openen: het ware genieten.

Lezen

Mijn boeken zijn meer
dan gebundeld papier
zoveel meer
dan een paar glazen inkt
op dood hout
het zijn stemmen
die nimmer
de stilte doorbreken
ruisende werelden,
plaatsen van rust
het zijn bomen
die weer zijn begonnen
te spreken

Ingmar Heytze

een wens doen

O, die wensen

Er was eens een echtpaar dat 25 jaar getrouwd was. Ze vierden dit en dat ze beiden 60 jaar waren geworden. Tijdens het feest kwam een fee langs die zei dat ze ieder een wens mochten doen. De vrouw zou graag samen met haar man een wereldreis maken en ze was nog niet uitgesproken of de reisbiljetten had ze al in haar hand. De man mocht uiteraard ook een wens doen.’ Mag ik echt alles vragen?’, vroeg hij. Toen de fee dat bevestigde vroeg hij ‘ een vrouw die 30 jaar jonger was dan hij’. Hij was nog nauwelijks uitgesproken of hij was 30 jaar ouder.

Dit heb ik niet zelf bedacht, maar vrij naverteld uit het boekje ‘Lente in je hart’ van Erich Kaniok.

mijn stoel!

Ik herlas een aantal aangestreepte delen in het boekje ‘: Het volle leven” van Wilhelm Schmidt. Onderstaand citaat is vast herkenbaar.

‘ Als ik in een ruimte kom, dan weet ik meteen welke stoel ‘ de mijne’ is. Als hij al bezet is, ergert mij dat: wat is dat voor brutaliteit om op mijn stoel te gaan zitten? Al te uitbundig hoeft hij niet te zijn, geen troon, want ik ben per slot van rekening geen koning. Hij moet comfortabel zijn en mij een beetje in de armen sluiten, met een lichte ronding waarin mijn rug zich kan vlijen. Misschien ook met leuningen, die me ondersteunen als ik moe ben. Ik heb er niets tegen wanneer hij bekleed is: het leven is al hard genoeg en laat dan tenminste mijn achterste maar zacht neerkomen…

…Het liefst heb ik dat ik er een beetje in kan hangen zoals ik dat zelf het prettigst vind, en het mooiste is als de stoel er zelf ook plezier aan beleeft. Hij mag voor mijn part piepen van genoegen, zolang hij maar niet van oudersomszwakte in elkaar zakt als ik erop zit…

Doen we eigenlijk te weinig he, wat mijmeren over de dingen die ons omgeven iedere dag en die we daarom bijna niet meer echt zien. Morgen is weer het schrijfcafé en dan worden wij vaak weer geconfronteerd met de kleine, gewone dingen die we na zo’n ochtend weer opeens met nieuwe belangstelling bekijken. Ik kijk ernaar uit maar ga nu eerst lekker slapen. Maar daarvoor, inderdaad, een beetje lezen.

lezen en herkennen

 

Lezen heeft vele plezierige kanten. Een daarvan is de herkenning. Zo las ik onlangs weer eens in ‘ Overpeinzingen van een bramenzoeker’ (1923) van R.N. Roland Holst:

‘ Mijn jongere vrienden schrijven mij hoe zij op de steilste Alpen klimmen en ik verdroom hier de middag tussen de bloeiende hei, volgend het spel van schitterlichte arabesken, die zon en water te zamen tegen de donkere oever vlechten.
Zou ik te oud worden voor die hoge tochten? Mijn haren, het is waar, grijzen, maar fataler teken lijkt mij nog die diepe bevrediging die het hart in dadeloos mijmeren vindt. Zou alleen mijn gevoel wellicht nog kunnen klimmen tot waar de wolken zijn?…

‘ De zon gaat schijnen op de plek waar ik lig, nu komen insekten kruisen vlak boven mijn hoofd, ‘t is een felle muziek in miniatuur, ‘t is of zij strakgespannen snaartjes aanslaan die maar kort blijven zingen…

…Nu kraait ver weg een jonge haan, schor nog en zonder stridente eindwimpel- als de jonge hanen kraaien, is ‘t najaar dichtbij…

En nu nadert het najaar, dat was gisteren al te voelen en af en toe ruik je de herfst al. Maar wat ik leuk vind van dit stuk, behalve de taal, is dat het weer terugslaat op een eerder stuk over het op je rug liggen en naar de wolken kijken en verder helemaal niets doen. En dan de herkenning natuurlijk van de grijze haren en de mindere behoefte om verre reizen te gaan maken. Behalve in je geest dan, daar beklimmen we de hoogste toppen zonder enige moeite. Heerlijk.

Verder kijken »