vandaag

Vandaag is het al weer vier jaar geleden dat mijn lieve broer Frank overleed en hij wordt nog steeds door ons allen zo gemist. Onderstaande foto is voor 2008 genomen toen Ton en ik kampeerden in Winterswijk en Frank op bezoek kwam.

Ik zocht ook een gedicht dat bij vandaag zou passen en heb dit gedicht gekozen:

Slapen is een beetje dood zijn
Niet meer weten dat je leeft
Niet meer weten dat er morgen
weer een dag is zonder wolken
zonder zon of zonder zorgen

Slapen is de dood voor even
en daarna weer verder leven

Bette westera
uit: Dood Gewoon

nachtgedicht

Dit vind ik zo’n prachtig gedicht. Het is een ‘voor het slapengaan’ gedicht voor kinderen en volwassenen.Hardop lezen dan komt het beter binnen, maar niet te hard, dat past niet bij de sfeer.

NACHTGEDICHT

Dit is een nachtgedicht,
trek het maar aan.
Zoals de avond doet met de maan.

Zoals het water
doet met de zee.
Zoals het weiland
doet met het vee.

Dit is een nachtgedicht,
kijk maar, het gaapt.
Het zal op je passen
wanneer je straks slaapt.

Johanna Kruit

coronatijd

Dit gedicht maakte ik vorige week over de tijd waarin wij nu leven en die zo anders is dan voorgaande jaren.

coronatijd

we houden afstand van vreemden
en van degenen na aan het hart
soms voelt anderhalve meter te ver

geen balconconcerten meer
geen straatbingo of applaus
we willen weer gewoon zoals het was

maar wat wordt gewoon?
mondkapje? geen knuffels meer?
angst voor de ander die kucht?

corona heeft ons leven veranderd
ik duik steeds dieper in mijn huis
in mijn boeken, in mijzelf

als een slak zoek ik traag mijn weg
laat lettersporen na
mijn levenslijntje naar buiten

‘m

kindergedicht

Het leuke van bewaren is dat je later weer iets terug kunt vinden. Zo vond ik vanochtend dit gedicht dat ik jaren geleden maakte.

FEEST

ik ga straks naar een feestje
maar toch ben ik niet blij
want Boudewijn mijn vriendje
die is er dan niet bij

mijn vriendje mag niet komen
zij vinden hem te druk
hij struikelt over voeten
maakt altijd wel iets stuk

ik ga straks naar een feestje
maar blijf daar niet te lang
na ‘t eten van een taartje
verdwijn ik door de gang

ik sluip dan snel naar buiten
waar Boudi op mij wacht
ik geef hem vlug een knuffel
mijn hond met zachte vacht


marisca

mist

Vanochtend weer eens heerlijk door het duin naar zee gefietst. Er hing een lichte mist en dat moest even op de foto. Ik wilde er nog veel meer maken maar helaas, accu leeg. Gelukkig had ik mijn mobiel bij me, maar met het fototoestel vind ik de foto’s toch beter.

En thuis zag ik in het grote gedichtenboek ‘Ik wou dat ik een vogel was’ een gedicht over de mist.

Kroop de mist

Kroop de mist tussen de bomen?
Dan is het herfst.

Vloog de bonte kraai over ‘t dak?
Dan is het herfst.

Zaten de bladeren als vanen aan de takken?
Dan is het herfst.

Jan Hanlo

allerzielen

LEVEN

is bezig zijn met dood te gaan. Is leren
roerloos te liggen in een mooi misschien.
Afscheid nemen van stappen die niet keren.
Vier drie twee keer elkander nog maar zien.

Schrijven Kom bij me, maar er zelf uit te lezen
Daar ga ik dan. Met het hart op de hand
de spiegel nog verklaren niets te vrezen,
en er, ontzet, al niets in zien, niemand.

Dan zitten, kouder leren liggen, samen
met niets. Geen post meer krijgen. En een naam
doorstrepen op verjaarskalenders. Namen.

O ja denken. En toen. Eindeloos omdraaien,
en weten dat dat kloppen aan het raam
de wind is die waar hij het wil gaat waaien.

Michel van der Plas

Uit: De oevers bekennen kleur (1994)

Dit prachtige gedicht past bij vandaag. Allerzielen is de dag dat wij extra denken aan allen van wie wij houden en die er niet meer zijn. Door corona geen avonddienst in de kerk en samen naar het kerkhof. Dat doen we nu privé . In dit gedicht wordt zo mooi verwoord hoe verlies kan werken. Het is een hardop-lees-gedicht en een herleesgedicht.


regen

Leg nu alles weg
de regens zijn gekomen
je gaat luisteren

J.C. Van Schagen

herfstkleuren

kleurvlekken lekken
zetten bossen in de roest
najaarswaterverf

m’

zee

Ter afsluiting van het zomerproject kregen we dit gedicht van Toon Hermans. En omdat ik zo met hem mee kan voelen spreekt het me aan en krijg ik zin om alleen langs de zee te gaan lopen.

Zee

Ik wil alleen zijn met de zee,
ik wil alleen zijn met het strand,
ik wil mijn ziel wat laten varen,
niet mijn lijf en mijn verstand.

Ik wil gewoon een beetje dromen
rond de dingen die ik voel
en de zee, ik weet het zeker,
dat ze weet wat ik bedoel.

Ik wil alleen zijn met de golven,
‘k wil alleen zijn met de lucht,
ik wil luist’ren naar mijn adem,
ik wil luisteren naar mijn zucht.

Ik wil luisteren naar mijn zwijgen,
daarna zal ik verder gaan
en de zee, ik weet het zeker,
zal mijn zwijgen wel verstaan.

Toon Hermans (1916-2000).

dag zee

Dag zee, dag heerlijke zee.
Ik ben er weer.
Had heimwee naar je geur en kleur.
Naar het geluid van vallende golven
en het gekrijs van de meeuwen.
Ik sta in je en je omspoelt me,
zacht als een streling.
Dag zee, dag heerlijke zee.
Ik neem je in me op
en mee naar huis.

M’

Dit schreef ik vanochtend bij N. naar aanleiding van de woorden: ‘dag zee’.

« Previous EntriesVerder kijken »