bakermat

Ik zit lekker op het balkon te lezen en wissel dat af met wat puzzelen. Ik moest een ander woord vinden voor ‘plaats van oorsprong’. Nadat ik wat letters had kwam er eerst baker en toen wist ik dat er mat achter moest.

Bij dat woord ging er van alles door mijn hoofd. Ik zag een vrouw die moest bevallen en geholpen werd door een baker. Toen het kind was geboren werd het op een speciaal matje neergelegd, eigendom van de baker: de bakermat.
Het is een wat saai ogend matje dat snel gewassen kan worden want iedere baker heeft maar één bakermat en ze weet nooit wanneer het volgende kind het nodig heeft.
Het matje gaat van moeder op dochter, mits die dochter ook baker wordt.
Werd in de winter de mat te heet verwarmd, dan werd het kind, helaas voor de ouders, te heet gebakerd.

Behalve een bakermat had de baker ook bakerpraatjes die ze te pas en te onpas bezigde. De meeste mensen wisten dat die praatjes op bijgeloof berustten maar toch waren er genoeg mensen die ze voor waar aannamen.

Enkele van die bakerpraatjes waren:
Worden je ribben blauw geschopt? Een jongen. Meisjes schoppen lager.
Draag je je baby hoog? Een meisje.
Zijn je handen zacht? Een meisje.

Dat is toch zo leuk als je over woorden die je gebruikt soms wat langer gaat nadenken en je fantasie de loop laat.
Ik tik het woord ‘baker’ in om naar een plaatje te zoeken en dan zie ik hoe onze taal al vol engels zit want ik krijg allerlei plaatjes van bakkers en hun spullen en George Baker. Maar ik heb er een gevonden en duidelijk is de bakermat te zien.

handdoek en theedoek

Bij ons in de keuken hangen, zoals bij de meeste mensen, een handdoek en een theedoek. Opeens bedacht ik: waarom heet het een theedoek en geen koffiedoek of waterdoek? En beide voorwerpen, de theedoek en de handdoek heten doek maar zijn heel verschillend van materiaal. De theedoek glad en dun en de handdoek rul en veel dikker. En in de keuken klinkt handdoek nog logisch, je droogt daar alleen je handen af, maar in de badkamer hangen ook handdoeken waar je je hele lijf mee afdroogt en die heten toch geen lijfdoek. En een grote handdoek voor op het strand heet dan weer een badlaken. Voor gasten zijn er speciale gastendoekjes. Wat zijn veel woorden die je automatisch gebruikt eigenlijk verrassend. Zo vind ik het woord ‘washandje’ zo leuk. Een soort zakje van stof waar je hand ingaat en zeep erop en daar kun je je bij de wastafel dan mee wassen. Voordat de mensen douches kregen was dat de manier waarop de lichamen gewassen werden.

Ik keek even op internet naar de oorsprong van het woord ‘theedoek’ en zag daar het volgende staan:

In de achttiende en negentiende eeuw dronken deftige dames thee uit fraaie porseleinen kopjes. Ze wasten deze kopjes zelf, omdat ze de handen van de dienstmeiden te ruw vonden. Ze hadden hiervoor fijne damasten doeken: theedoeken. Die doek werd alleen voor de theekopjes gebruikt.En die naam is nooit meer verdwenen.

volgende stap

Nadat de tekening klaar was heb ik woorden gezocht en erbij gelegd. Je kunt rondlezen en op verschillende manieren starten met rondlezen.

de letter P

Gisteren kreeg ik een opdracht: maak zeven zinnen met woorden die beginnen met de letter P. Nu had ik nog een zelf ontworpen letter P in voorraad, dus die heb ik gecombineerd met mijn zinnen. Thema van de dag: patrijs in perenboom. Dat ziet er dan zo uit:

boekselen

Weer aan het boekselen geweest en de gekozen woorden bepaalden het latere gedicht. Klik erop om het vergroot te zien.

citaat

Een dodelijker citaat over iemand dan dit heb ik nog niet gelezen:

‘Zelfs zijn zwijgen bevatte taalfouten’

Stanislaw Jerzy Lec

woorden

Van de week heb ik de eerste beginselen van ‘boekselen’ geprobeerd onder de knie te krijgen tijdens een workshop van Loes Vork via de computer( tik  Loes Vork boekselen en je ziet haar voorbeelden). We kregen wat opdrachten en opeens had ik iets nieuws om tijdens warme zonnedagen in de schaduw te kunnen doen: tekenen, kleuren en schrijven ineen. De voorbeelden die ik zag waren prachtig en ik moest tegen mezelf zeggen: ‘zij is er al jaren me bezig’, vooral nadat ik mijn eigen eerste boeksel bekeek. Maar er kwam uit het doen een gedicht tevoorschijn over het gebruik van woorden in de poëzie:


opeens worden woorden
gewone woorden bijzonder
doorzichtig
omdraaien, omvouwen
openen
ondergewaardeerde woorden
komen te voorschijn

Die ondergewaardeerde woorden deden me denken aan mijn schrijven vorige week over een sleuteltje. Ik maakte er ook tekeningetjes bij en een kleine gedicht. Zoals bij ‘muzieksleutel’:

muzieksleutel

deze sleutel opent magie
onbekende klanken
voegen zich aaneen
stokken, dwarrelen
en vallen op hun plek

cappuccino

Terwijl hondje Bas op mijn schoot lag te slapen, las ik in het boekje van Wim Daniëls: ‘Huppel Nederlands’. De vrolijkste woorden uit de Nederlandse taal volgens hem.
Ik drink een espresso en lees over het woord cappuccino. Het was een woord dat niet in mijn vocabulaire voorkwam als kind, ik kende wel ‘peignoir’ en abattoir’, maar cappuccino, daar had ik nog nooit van gehoord. Ik heb toen ik het woord wel al gebruikte nooit geweten dat het een relatie heeft met de monnikskap van een kapucijnermonnik.
Maar als ik afbeelding op internet opzoek van die monniken, dan zie ik bruine pijen met bruine capuchons. Dus dat witte melklaagje zie ik niet terug in hun kleding. Hoe ontstaat dan toch zo’n woord? Geen idee.

moeder

Vandaag, op moederdag, ben ik goed verwend door Ton en de kinderen. Natuurlijk ben ik Ton zijn moeder niet, maar wel de moeder van zijn kinderen en dat vinden wij de moeite waard om bij stil te staan. Dat doen we dus ook op vaderdag.
Ik zocht naar een gedicht over moederdag-moederzijn maar vond niets dat bij mijn stemming paste, dus maar even in het oude spreekwoordenboek gekeken en vond daar onder andere:

Dat hebben ze met de moedermelk ingezogen: dat hebben ze van kindsbeen af geleerd.
Volgens de oude opvatting had de moedermelk overwegende invloed op het karakter van het kind.
Moedernaakt: zo naakt als een kind van de moeder komt.
Hij was moederziel alleen: helemaal alleen.
Daar helpt geen lievemoederen aan:mooie praatjes, liefdoen, helpen niet.
Die met de dochter trouwen wil, moet vrijen met de moeder: moet bij de moeder in het gevlij komen.
Al is een moeder nog zo arm,
Zij dekt toch warm.

Er gaat nooit en nergens iets boven de liefde en de zorg van een moeder.

Zo moeder, zo dochter.
Bij moeders pappot blijven: thuis blijven hangen als men allang de wereld in zou moeten zijn.
Vlugge moeders, trage dochters!: waarschuwing dat moeders hun dochters niet het werk uit handen moeten nemen.
De een vrijt met de moeder, de ander met de dochter: over smaak valt niet te twisten.
Als kinderen klein, zijn trappen ze moeder op de schoot, maar als ze groot zijn, trappen ze wel op het hart.
Pak maar aan, het is je moeder niet:
als iemand al te voorzichtig te werk gaat.

En voor alle moeders van nu en vroeger een speciale tulp als eerbetoon.

aal

Aal.

Gisteren kocht ik het boekje “Huppelnederlands’ van Wim Daniëls. Hij heeft de, volgens hem, vrolijkste woorden uit de Nederlandse taal van A tot Z opgeschreven. Nu ben ik dol op woordenboeken, vooral oude, dus ik pakte de Van Dale uit 1925 om eens te kijken welke woorden mij daar opvielen. Natuurlijk begon ik bij de A en kwam het woord ‘aalduiker‘ tegen. Zonder verder te lezen dacht ik: dat is iets of iemand die naar paling duikt. Aangezien palingsvissers fuiken zetten en die omhoog halen, zal het een dier zijn. En inderdaad, het was een oude naam voor de fuut.

Daaronder staat het woord ‘aalelger‘, dus ik dacht, dat heeft iets met die paling te maken. Het is een soort ‘aalschaar’ met zo’n twintig tanden van verschillende lengte en die gebruikt wordt om onder het ijs te vissen, ook op paling.
De uitdrukking voor ‘heel oud’ die ik ken is ’stokoud’ maar er bestond ook ‘aaloud‘ voor heel oud, maar die heb ik nooit gehoord. Hij staat echter in Van Dale, dus heeft hij bestaan. Zo heb ik ook nog nooit de uitdrukking: ‘hij is een koopman in aalsvellen‘ gehoord. Dat betekende hij handelt in zaken van zeer geringe waarde. Daar past dan mooi het woord ‘aalwaardig’ bij: onbezonnen, onnadenkend.
Zou dat allemaal ontstaan zijn in de tijd dat de paling goedkoop was en niet zo duur als tegenwoordig? Opeens denk ik aan een van Ton zijn lievelingsvis als we naar een visrestaurant gaan: paling in het groen, dat maakte zijn moeder vroeger.

foto’s van internet

Verder kijken »