brief aan een blad

Van de week schreef ik een briefje aan een blad dat ik van straat had opgeraapt.

Lief blad,

ik zag je liggen op straat
en vond je zo mooi.
Ik heb je opgepakt en thuis
in een boek gedroogd.
Dat is heel wat anders
dan lekker in de wind
aan een takje rondzwieren,
samen met je broers en zussen.
Wist je dat je in de herfst
los zou komen van de moederboom?
En wilde je wel los
of probeerde je je nog vast te klampen?
Ik ben blij met je en houd je nog
even bij me.

Marisca

later

Naar aanleiding van het gedicht ‘Als ik sterf zal de wind niet harder waaien’ van Jochem Myer schrijf ik:

Er zal geen haan zachter kraaien want het leven gaat door als ik gestorven ben. De wind zal blijven waaien en ik hoop dat op mijn graf mooie herfstbladeren zullen neerdwarrelen en dat ik dan, zonder het te weten, weer van de herfst kan genieten. De grassprieten zullen met dauw om mij heen staan. Misschien staan mijn kinderen ook met dauw in de ogen bij mijn laatste rustplaats. Maar ik hoop dat er een lach bij ze boven komt als ze het over mij hebben. Dat ze voelen dat ik nog steeds van ze hou al zal dat niet tastbaar zijn via een kaartje, telefoontje op praatje bij de thee.

Maar mijn liefde voor hen zit in hun herinneringen. Laten ze die maar koesteren en dat graf, daar hoeven ze niet veel aan te doen. Dat doet de natuur wel.

nu het weer herfst is

Vrijdag schreef ik:

Nu het weer herfst is realiseer ik me dat ik de meeste herfsten achter me heb gelaten. Hoe vaak zal ik nog genieten van mijn eerste kastanjes, van de verkleuring van de bomen en struiken, van die specifieke geur die bij de herfst hoort?
Gelukkig weet ik het niet dus kan ik nog opgewekt vooruitkijken. Dat is een voorrecht, het nog vooruit kunnen kijken, plannen maken.
Maar ik weet dat er een keer een laatste herfst komt. Ik hoop niet dat de winter die daarop volgt erg koud is. Maar mogelijk houdt de liefde van de mensen om mij heen mij dan warm.
Herfst, oktober, ik geniet er nu al van. Naar buiten, het bos in, met fototoestel.

En vanochtend ben ik het bos in gegaan. met fototoestel. Zag mijn eerste kastanjes en prachtig verouderd blad.

vergelijken

In het boek ‘De jongen, de mol, de vos en het paard’ vraagt de jongen aan de mol:
‘Wat lijkt jou de grootste tijdverspilling?’
De mol antwoordt dan:’Jezelf met anderen vergelijken’.

Daar ging ik eens even over denken.

Wanneer begint het dat je jezelf met een ander begint te vergelijken? Misschien al heel jong als je iets wilt dat je nog niet kunt en een ander wel die jouw leeftijd heeft of mogelijk al ouder is. En er zullen kinderen zijn die er niet mee zitten als een ander iets beter, eerder kan, mooiere kleren heeft, maar de meeste kinderen en later volwassenen zijn er wel gevoelig voor.
Heel belangrijk is hoe je bent opgevoed. Hebben je ouders je genoeg zelfvertrouwen gegeven, ben je de oudste , jongste of middelste in een gezin. Zoveel factoren bepalen hoe je in het leven staat en dan heb ik het nog niet over een eigen karakter gehad. Twee kinderen uit een zelfde gezin kunnen heel anders in het leven staan. De een gaat haar gang, trekt zich niets aan van wat anderen van haar vinden, of laat het niet merken, en de ander trekt zich alles aan wat anderen van haar vinden of denkt dat anderen dat vinden.
Het is zo jammer dat het oordeel van anderen een deel van je levensvreugde weg kan halen of dat je dat zelf doet door jezelf met anderen te vergelijken en dan alleen maar oog hebt voor wat zij beter kunnen dan jij, of waarvan jij denkt dat zij het beter kunnen.
En ook uiterlijk is voor sommige een bron van onzekerheid en als je je dan spiegelt aan zelfverzekerde mensen om je heen dan voel je je nog minder. Terwijl als je het zou vragen andere mensen jou juist bijzonder vinden of gewoon, niet opvallend goed of slecht maar oke. Maar kun je dat geloven als je niet in jezelf gelooft?

aardappels

Dit schilderij van Jopie Huisman doet me denken aan mijn moeders aardappelmandje. Ik weet niet hoe lang ze dat al had. Op het laatst was het aan alle kanten kapot, maar nee, een nieuwe hoefde ze niet. Het ging toch nog?

Opeens krijg ik de geur van stoffige, oude aardappels in mijn neus. Soms heb ik een aardappel die ongemerkt is gaan rotten en opeens komt de stank me dan tegemoet als ik de kast open.

Maar nu we zo weinig aardappels eten koop ik kleine zakjes en gebeurt het bijna niet meer.

Maar spruitende aardappels, zoals of het schilderij, dat gebeurt nog af en toe. Ze zouden zo de grond in kunnen, maar ik heb geen landje dus eindigen ze, zonder spruiten, in de pan.

verdwaald

VERDWAALD

Mensen die nooit verdwalen komen ook niet op onverwachte, onbekende plekken. Dat is eigenlijk jammer, verdwalen kan je onverwachts iets moois in de schoot werpen. Dan moet je wel je angst om de verkeerde weg in te slaan, loslaten. Dat lukt niet iedereen. Vroeger hadden wij vaak onenigheid in de auto als ik de kaart niet goed las en wij in dorpen kwamen waar we eigenlijk niet zouden moeten zijn. Maar sinds we zeiden: ‘nou, anders hadden we dit niet gezien’, was de onenigheid over. Maar verdwalen in een niet bestaande wereld, dat is weer iets anders. Want zo ga je vol goede moed naar het land van zeverzaad en klessebessen en beland je in het buurland van de zwijgzamen en wijze bessen. En je had je nog zo verheugd op wat gezever, wat geklessebes.

Maar nee, niets van dat alles.
Hier heerst orde en worden slechts woorden gesproken die op waarheid berusten en gezegd moeten worden op het juiste moment.
Dan is het zaak op je schreden terug te keren en weer de weg terug te vinden naar het moment van de verkeerde afslag. Je moet dus nu rechts in plaats van links bij de splitsing. En na enige tijd komt een zacht gemurmel je tegemoet: alle bermplanten die uitgebloeide bloemen dragen waarvan het zaad bijna gerijpt is zijn aan het zeveren en je mag meedoen. En daar tussen door hangen de volrijpe, dieppaarse klessebessen. Zo smakelijk en stop je er een in je mond, dan kun je het kletsen voorlopig niet stoppen. Zelfs een verdwaalde zwijgzame krijgt zo de sensatie van onzinpraat die uit de mond vliegt en nog vrolijk maakt ook. Of niet.

Maar laat je gedachten dwalen en soms verdwalen en het kan je leven veranderen. Het kan zelfs totaal anders zijn en nieuwe horizonten voor je openen. Dus heb je geen zeverzaad of klessebessen in de buurt, laat dan je gedachten opbloeien als ballonnen en geef ze de ruimte. Je gaat op reis vanuit je luie stoel en komt in oorden waarvan je het bestaan niet had vermoed.

Deze tekst ontstond nadat ik wat uitgeknipte woordencombinaties had uitgezocht, opgeplakt en versierd. Leuk om te doen. Je gedachten dwalen rond en je pen gaat mee op reis.

zo anders

Wat heb ik toch een geluk dat ik als vrouw in Nederland woon. Op zoveel plekken in de wereld zijn vrouwen niet vrij, worden zij zelfs bedreigd in hun vrouwzijn. Ik denk op dit moment aan de vrouwen en meisjes in Afghanistan. Een korte tijd hebben zij gevoeld hoe het is om vrij te kunnen bewegen, naar school te gaan, te werken. En binnen een paar weken is die wereld totaal verwoest en is de angst en repressie weer terug. Bijna niet voor te stellen hoe dat moet voelen. Ik heb het geprobeerd in tekeningen weer te geven.

tijd

Gisteren las ik:

‘Tijd slingert niet rond tot uiteindelijk iemand hem vindt.
Tijd moet je gebruiken als een blok klei
om zo jouw dagen te boetseren
zoals je ze wilt hebben.

Jennifer Louden

Dat zou mooi zijn als dat in het echte leven zou kunnen. Nu heb je een hoop zelf in de hand en met die handen zou je kunnen kleien wat echt belangrijk voor je is op dat moment. Geen makkelijke opgave want wanneer weet je echt wat essentieel voor dit moment is? De enige manier om daarachter te komen is de tijd nemen om rustig naar jezelf te kijken. En neem je de tijd dan komen de antwoorden. Maar er kunnen allerlei stoorzenders zijn tussen wat je zou willen en wat kan. Maar ook daar kun je zelf soms verandering in aanbrengen door je af te sluiten van die stoorzenders, een grens te trekken tot waar je toe bereid bent de buitenwereld tegemoet te komen. Je in jezelf terugtrekken betekent niet dat je alleen maar met jezelf bezig bent, het betekent ook dat je jezelf voorbereid om zo goed mogelijk te functioneren in de buitenwereld.

Elke dag opnieuw dat stuk klei pakken en voelen wat er die dag voor jou nodig is. En lukt het niet, dan is klei zo’n heerlijk materiaal. Je maakt er weer een klomp van en begint opnieuw. Zo kun je elke dag nieuwe kansen voor jezelf creërenen de tijd nemen om bewust te leven. Mits je nu niet als vrouw, meisje of ontwikkelde man in Afghanistan woont. Daar wordt de klei van je weg gehaald en kun je alleen maar hopen dat je nog tijd van leven krijgt, niet van overleven, maar van echt leven. Wat zijn wij toch bevoorrecht dat we hier in Nederland wonen.

klein en groot

Enige tijd geleden schreef ik naar aanleiding van deze tekst:

‘Ik ben zo klein’, zei de mol.
‘Ja’, zei de jongen, ‘ maar je maakt een groot verschil.’

Deze tekst staat in het prachtige boek:


Ik schreef:
Het kleine kan groot zijn en het grote klein. Het zit hem niet in de grootte maar in de inhoud, de betekenis. Een klein veertje, zacht en wit kan ontroeren en een enorme grote veer wordt bekeken en mogelijk zonder veel gevoel weer weggegooid. Maar, het is belangrijk dit niet voetstoots bij alles aan te nemen want in het grote kan ook iets moois schuilen al moet je er misschien naar zoeken. En in iets kleins kan ook iets vernietigend schuilen, denk maar aan het coronavirus. Zo klein, onzichtbaar voor het blote oog maar met mogelijk zeer pijnlijke gevolgen. Dus eigenlijk staat niets vast maar moeten we iedere keer alles op zijn eigen waarde schatten. Dat is niet altjd makkelijk want we laten ons zo vaak beïnvloeden door de meningen van anderen die we gehoord of gelezen hebben. Maar door eerlijk te zijn en alles op zijn eigen waarde te schatten kunnen wij het kleine groot maken, ervan genieten, de waarde ervan zien zonder het grote uit te sluiten. Het is ook belangrijk om degenen die denken dat ze te klein, te onbeduidend zijn te sterken in hun zelfvertrouwen, hun kracht en talenten te ontdekken en helpen die te ontwikkelen. Dat is het mooie van het onderwijs, als het goed gegeven wordt. Kinderen te helpen zich te ontwikkelen tot zelfdenkende en ruimdenkende mensen. Precies wat bij de opvoeding thuis ook zou moeten.

schrijven

Donderdag weer met vriendinnen een uurtje zitten schrijven. Een van de opdrachten was: zet drie willekeurige cirkeltjes in een tekst, kies daar één woord uit, onderstreep dat.
Beschrijf nu een plek waar je heen zou willen gaan om vrij en ontspannen te kunnen schrijven. Gebruik in je tekst de onderstreepte woorden. Mijn woorden waren: glimlach -park- bewegen.

Als ik een dag zou mogen schrijven zou ik graag in Thijsses Hof willen zitten. Met mooi weer buiten in het heemparkje, onder de bomen in de schaduw of in de zon bij de vijver. Ik luister naar de vogels zonder me druk te maken over hoe ze heten. Met een glimlach op mijn gezicht schrijf ik een gedicht over de libelles die zo elegant bewegen boven het water of die, zonder schaamte, vlak voor mijn ogen paren in de open lucht. Wat een vrijheid is dat.
Bij slecht weer ga ik in het huisje zitten waar ik vroeger les gaf. Nostalgische gevoelens komen in de tekst terecht die ik, al schrijvend en kijkend naar buiten, opschrijf. Ja, steeds even zitten, schrijven, stukje lopen.
Nu ik zo stil heb gestaan waar ik lekker denk te kunnen schrijven, ga ik binnenkort weer een keer naar Thijsses Hof. Pen, papier en fototoestel mee. Ik krijg er nu al zin in.

Verder kijken »