ijs

Op dit moment kan ik niet om het woordje ‘ijs’ heen. Wil ik goed beslagen ten ijs komen, dan moet ik even mijn oude woordenboek erbij pakken, want ik ga niet over één nachtje ijs. Maar ik ga niet lopen ijsberen als het niet lukt, ik ga gewoon zitten en denken aan de ijsbaan die we vroeger op de speelplaats van onze school hadden. Een lange voor heen en een lange voor terug. Magisch was dat glijgevoel. IJsvrij kregen we toen als de ijsbloemen op de ramen stonden in onze slaapkamers. Door de wateren die open moesten blijven gingen ijsbrekers, tot groot verdriet van vele schaatsers.
Heel vroeger stonden op landgoederen ijskelders. In de winter werd uit het ijs met een ijszaag grote stukken ijs gezaagd en die werden bewaard in de ijskelder om in de zomer koeling te hebben voor voedsel en drankjes. Maar de eigenaar was ook verplicht ijs te geven als iemand met een briefje van de dokter kwam voor ijs om een koortsige zieke te koelen.

Gisteren wilde ik de sneeuw en het ijs wel eens van dichterbij bekijken en toen ik bij de wallenkant stond zag ik een blauwe flits langsvliegen: een ijsvogel. Ik kreeg hem niet op de foto helaas, wel op mijn netvlies. Het ijs was aan het groeien en moet nog even voor erop geschaatst kan worden. Ik wilde nog dichterbij het water fotograferen en dat was geen goed idee: onder de sneeuw lag een plaat ijs en ik gleed uit, klapte achterover en was even bang in het water te glijden. Maar de sneeuw hield me tegen en een meneer hielp me overeind. Gelukkig had ik een dikke must op die de klap op mijn hoofd verzachtte en mijn toestel bleef ook heel. Dat was een ijzig moment en voorzichtig schuifelend ging ik terug naar huis. Daar moesten toch nog even twee ijspegels gefotografeerd worden want die hingen zo mooi voor het raam.

En nu ben ik binnen weer aan de gang met oude uitgebloeide tulpen, ik kon ze niet zomaar wegdoen. Mijn spieren voelen nog niet soepel aan maar dat hebben ze eigenlijk nooit gedaan dus het voelt vertrouwd.

boekhoudster

Hoewel ik niet goed kan rekenen, ben ik een uitstekende boekhoudster. Met moeite neem ik afscheid van een boek, de meeste wil ik gewoon houden. Maar als de kasten teveel gaan uitpuilen dan vindt er een soort salomonsoordeel plaats: wie mag blijven en wie eruit?
En dan kan het nog gebeuren dat als een boek al in de tas ‘eruit’ terecht is gekomen, hij toch weer stiekem terug gezet wordt in ‘mag blijven’. Een goed boek is meer dan een bundel gebonden pagina’s tekst, de inhoud kruipt bij je naar binnen en kan daar soms heel lang blijven. Een goed boek kan je veranderen, je gedachten over iets, je gevoelens, je toekomstvisie. Daarom moeten de boekwinkels en de bibliotheken weer open zodra het kan. Mensen moeten zich weer kunnen laven aan andermans woorden, moeten zich erin kunnen onderdormpelen of gewoon even de zinnen verzetten.
Vanochtend prachtige uitzending van ‘De Verwondering’ gezien met Ellen Deckwitz. Zij is een begaafd en inspirerende dichter, denker, columist en weet met haar gedichten niet alleen haar eigen lijden te verwoorden, maar brengt er ook troost, verwondering mee.

Wil je meer van gedichten genieten door ze wat beter te begrijpen, koop dan haar boek ‘Dit gaat niet over grasmaaien’, Hoe lees je poëzie.

Zeer toegankelijk, verhelderend en inspirerend. Je steunt de schrijver en je boekhandel maar wordt er uiteindelijk zelf ook beter van.

MW

Gistermiddag was een heel bijzondere middag. Ons nichtje F. had goudsmit Janna Wieringa enige tijd geleden opdracht gegeven verschillende sieraden te ontwerpen met het logo van haar broertje Mink. Dat had hij na zijn opleiding aan de HKU ontworpen: een vloeiende MW, Mink wildschut, die in elkaar overging.
Janna had twee ringen ontworpen, twee armbanden en twee kettingen. Zo’n twee maanden geleden mocht ik, samen met onze dochters A. en M. en M., de moeder van F. en Mink die bekijken en passen in Zaandam, in het atelier van Janna. Mooi en verdrietig tegelijk was dat.


Gisteren was het zover, ik mocht de door mij gekozen ring aan mijn vinger schuiven. In sierlijke letters stond daar MW en dat was niet alleen Mink Wildschut, maar was ik ook zelf: Marisca Wildschut en mijn vader, Marinus Wildschut. Wat een prachtig geschenk. Ik zal hem met ere en met liefde dragen. En dat zullen M. en A. doen met hun ketting, F. met haar ring met een grote M en M. met dezelfde ring als ik maar dan in het zilver.

Mocht je ook eens een sieraad voor een speciale gelegenheid willen laten maken, dan kan Janna daar heel goed op inspelen door haar empathie en vakmanschap.
www.jannawieringa.com

tekening

Een van mijn favoriete spreuken is: wie wat bewaart die heeft wat. En omdat ik dat daarom ook al heel lang doe, kom ik soms opeens iets tegen waarvan ik niet meer wist dat ik het had. Zoals deze tekening die ik in 1981 maakte. Ik denk dat ik het heb getekend naar aanleiding van een oud biologieboek dat ik in een antiquariaat  had gekocht. En tekenen met pen doe ik af en toe nog.

oude foto’s

Oude foto’s kan ik natuurlijk nog jaren in dozen laten liggen maar wat moet ik er dan mee? Beter ze nu maar gebruiken dus wederom bij het collages maken oude foto’s verknipt en opnieuw gebruikt. En wederom zag ik een gelaat tevoorschijn komen. Bij de tweede werd de foto van een tulp een collage van een ander soort tulp. Leuk dat je vooraf geen idee hebt wat eruit gaat komen.

kloof

Net als velen over de hele wereld ben ik geschrokken van de beelden van Washington. Wat een kloof is er ontstaat in Amerika tussen de mensen en het fanatisme en het wantrouwen van vele van de Trumpaanhangers, ik werd er bang van. Nu vind ik al heel lang fanatieke mensen de engste mensen, op welk gebied dan ook. Zij hebben totaal geen oog van de ander, voor een andere mening en zijn van binnen verhard en vinden al hun acties gerechtvaardigd. Arme Biden, wat een erfenis. Ik heb de kloof tussen de mensen zo verbeeld:

oude wijze woorden

Gisteren pakte ik het zeer her- en herleesbare boekje ‘Vleugels voor onze sandalen’, Gedachten en kronkels van Cicero.
Cicero leefde van 106-43 v.Chr. in Rome, dus ruim 2000 jaar geleden maar zijn woorden zouden ook nu geschreven kunnen zijn. Neem nu de volgende tekst:

Het is waar: nogal wat bejaarden zijn humeurig, bangelijk, lichtgeraakt en lastig, niet zelden ook krentenkakkers. Maar dat is een kwestie van karakter, niet van leeftijd. Overigens zijn er voor hun prikkelbaarheid en andere erkende gebreken misschien geen gerechtvaardigde, maar wellicht begrijpelijke en zeker verzachtende omstandigheden. Veel bejaarden voelen zich geminacht, overbodig, bespot…

…Dat bejaarden ook geestelijk wat strammer optreden, daar kan ik best inkomen zolang dit- zoals alles- met redelijkheid gebeurt; maar dat ze verbitterd gaan doen, keur ik zonder meer af. En schrapen vind ik helemaal seniel. Wat kan er immers debieler zijn dan meer reisproviand bijeenscharrelen naarmate de reisweg korter wordt?”

Geweldige laatste zin toch? En wat je als ‘bejaarde’ vrouw ook kunt doen om je nog nuttig te maken: op de hond van je dochter passen.

2021

Gisteravond afscheid genomen van 2020. Vorig jaar bijna geen foto’s van het vuurwerk gemaakt vanwege de mist, dit jaar omdat er alleen in de verte siervuurwerk was en in de buurt enorme knallen. Het schijnt dat mensen nog vuurwerk van vorig jaar hadden liggen. Wij dus niet. Maar ik heb wel foto’s bewaard van het vuurwerk twee jaar geleden zoals deze.


Ik koos deze foto omdat hij voor mij symboliseert: opluchting dat dit jaar voorbij is, maar ook de pijnlijke sporen die corona in veel gezinnen heeft achter gelaten. En het soms bijna ontploffen van machteloosheid van medisch personeel als zij zich drie slagen in de rondte werken en dan zien dat de mensen buiten regels aan hun laars lappen ‘want zij hebben toch recht op een verzetje’.

Ik wens voor ieder dat 2021 in alle opzichten een beter jaar wordt dan 2020. Al moet ik eerlijk zijn en bekennen dat niet alles negatief was vorig jaar. Niets is ooit helemaal wit of zwart.

inktvis

Ik schrijf graag met mijn vulpen. Maar de inkt die ik daarbij gebruik komt niet uit deze inktvis die ik eens fotografeerde in de Markthal in Rotterdam. Ik had een inktvis nog nooit zo goed kunnen bekijken als door mijn camera. Ik keek in een wondere wereld.

vies en leuk

Van de week kwam een buurman ons even helpen met de printers die wij niet aan de gang kregen. Hij dus wel en als dank bood ik hem een kopje thee aan. Wij namen zelf natuurlijk ook en toen ik een slok nam spugde ik het direct weer uit. Zo zuur, zo smerig. Hoe kan dat nou? Ik had toch goede earl grey genomen? Ja dat klopte. Ik pakte de waterketel en rook een zure guur en opeens wist ik het: de hulp had water en azijn in de ketel gedaan tegen de kalk en dat water was er niet uitgegooid. Dus flink omspoelen en opnieuw thee zetten en dit keer had het de juiste smaak. En de buurman is lang gezellig bij ons gebleven.

En gezellig was het gisteravond ook toen we via zoom sinterklaas vierden. Om de beurt een gedicht voorlezen en cadeau uitpakken. Niet zo gezellig als echt bij elkaar zijn maar toch een goede vervanging. Ik kreeg mooie sokjes en een nog mooier gedicht. Neem nu de eerste strofe ( en zo waren er vier):

Sint houdt erg van deze herfstige en winterse tijd
Hij geniet wanneer hij met zijn makker door de bossen rijdt
De bladeren kleuren rood, en bruin, en oranje
En vallen dan, zonder al te veel franje
Rustig van de struiken en bomen
Tot zij al dwarrelend op de aarde terecht komen
Waar zij met een terugkerend ritueel
Weer opgaan in het grotere geheel

En zo kwamen er prachtige gedichten en leuke of handige cadeau’s langs. Ieder met een zelfde schaaltje sintsnoep bij de hand. Het voelde anders maar goed. Hopelijk volgend jaar weer in het echt bijeen.

« Previous EntriesVerder kijken »